Aantekeningen van Ernest Bornauw
"uit God geboren", met UITZICHT op in GOD terugtekeren


begin boeken levensverloop contacteren

Op UW WOORD (1990)

<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>

Maar gij

 

De VOLheid van ons bestaan komt niet te voorschijn in "naar men meent", maar in de boodschap van den engel, in het her inneren van den GEEST, in al wat IK u heb gezegd. inzicht in, de bekwaamheid tot "lezen" (inter legere) van die VOLheid is een gave van den GEEST. de harde feiten be wijzen dat die den GEEST weigert, verduistert en die naar den GEEST luistert, verLICHT.

 

1. een "volk" kan verduisteren, kan opLICHTen, den GEEST verliezen, of winnen. het kan "zijn profeten doden" en zich leraars aanschaffen naar eigen belang. het kan verloederen, vervuilen, verzuren, verdorren van binnen uit. en dat is dodelijk. die het leven aantast, berooft zichzelf van het LEVEN. de GEEST alleen kan een "volk" vervullen, tot VOLheid uit en in Zijn VOLHEID laten groeien, VOL wassen, cultiveren in den hoogsten en diepsten, langsten en breedsten zin van het woord: tot het wonder van een cultuur op UW woord, uit en in het WOORD. dit is: geëvangeliseerde cultuur, cultuur als blijde boodschap.

de commentaar op de wet is het teken van de degradatie van een gesaeculariseerde, ont wijde cultuur. het "gecultiveerde", vervalste woord weerspiegelt een "gecultiveerden" humanistisch vrijzinnigen hypocriet vervalsten geest, een "zijn ook wij soms blind?" dat gaat tot de cynische uitspraak van het "baas in eigen buik". dit "volk" -dat vecht voor eigen taal- heeft, ironisch genoeg, het "juiste" woord verloren. het spant zich in voor een zuivere, algemene correcte taal en verglijdt ondertussen geruisloos in het "creëren" van een "dode" taal, een cynisch verraden, vervalst, verloederd, verzuurd, vervuild en verdord woord. in een vlaanderen waar de hemel blauw blinkt. het hart van dit volk is ver van den HEER. zijn woord "stinkt al". de hoop van die nog geloven is dat deze ziekte zal bijdragen tot GODS glorie en tot verheerlijking van GODS ZOON. (Joh. 11/4)

 

2. de wet op abortus is de vrucht van "naar men meent", de publicatie van een eigengereiden, eigenzinnigen, eigenmachtigen, eigenstandigen, eigenwilligen geest onder ons. emancipatie "op het hoogste niveau" van volksvertegenwoordigers en senatoren en ministers van dat "volk". maar: niét van zijn koning: den koning in den geest van den GEEST; niét van de zonen en dochters van het KONINGShuis, dat heri, hodie, et in saecula saeculorum in deze wereld, maar niét er van is. in de abdikatie op het kruis heeft de troonsbestijging van de verrijzenis plaats.

de wet dwingt elken burger tot een confrontatie met zijn geweten. de koning heeft gekozen voor zijn geweten, tegen de wet. uit dér aard IS hij in denken, doen en dichten waarachtig de koning, de vóórganger, de eerste (prins, vorst) van dit volk. op ONS gelijkend (van een goddelijk geslacht). de wet is ten dode, de vrijheid van jezus CHRISTUS en alle "christenen" is ten LEVEN. de wet kiest voor den dood, de "koning" voor het LEVEN. de koning die van een goddelijk geslacht is, gehoorzaamt eerder aan GOD dan aan de mensen, een menigte, het "volk". een "koning" kàn een wet ten dode niet "tekenen", niet bevestigen, niet bekrachtigen. geen enkele "christen" kàn dat, uit en in den NAAM van den LEVENDEN jezus CHRISTUS, "door Wien de genade en de waarheid kwamen". (Joh.1/17)

het publieke woord is een menings woord geworden, een op ons gelijkend woord. een gecultiveerd, bestudeerd, uitgeprobeerd en op effect berekend woord, beredeneerd vervalst vervalsend, op zijn hoede en met het geweer in aanslag. het is niet eens meer een schim van het oorspronkelijk woord. het is een proefbuiswoord, een kwal, een fluim, een zure oprisping: lijfelijk bazig buikspreken. een woord naar de wijze op de wijze voor de wijze van "wat zeggen de mensen"(Mat. 16/13), "volgens de opvatting van de mensen", "naar men meent".

 

3. "Maar gij, Wie zegt gij dat Ik ben?" (15) óns woord is OORSPRONG lijk en UITEINDE lijk on gecultiveerd, on bestudeerd, on uitgeprobeerd, on op effect berekend, on beredeneerd vervalst vervalsend, on op zijn hoede, on gewapend de ont wapenende wilde en onvervalste pracht van op ONS gelijkend: een woord van GEEST en LEVEN, van eeuwig leven, een woord voor het LEVEN, een woord "op de adem van Gods WOORD". onze hand tekening onder ons credo, onder de 10 woorden van GOD. onder "Gij zult niet doden": gij zult altijd en overal helemaal leven promoveren en promoten. GRONDig, op UW woord.

niet "naar men meent", maar "op UW woord" bepaalt onze "geografische" plaats, onze gewoon natuur lijke plaats op aarde. op Uw woord

a) verschijnt de wereld als SCHEPPING van GOD en de mens op aarde als op ONS gelijkend. UW woord verlengt de logica van het intellect tot in de logica van het GEHEIM en het WONDER. wanneer hij de dingen leest, verschijnt het wonder van de gedaanteveràndering der dingen op UW woord voor den "lezer": uit en in her innering van den GEEST. "Wij schrijven, herschrijven en schrijven nog,/ den heiligen Name van God!" SCHEPPINGSgeloof is een wonder op UW woord. het is een geluk hebben (to be lucky) waarvoor er geen uitputtende rationele verklaring bestaat. er zijn alleen de tekens van dat het er is: "dingen" die uit en in het her inneren van den GEEST (het vermogen van onze ver beelding) een "teken" worden. in GOD geloven en geloven dat "de wereld" GODS schepping is, gebeurt uit en in her innering van den GEEST. is een gave van den GEEST. genoeg.

b) verschijnt de zoon van den timmerman als "de Eengeborene van den Vader, vol van genade en waarheid". als "het Woord van God". (Joh. 1/4) onze rede kan het niet uitputtend begrijpen, niet verklaren, maar het her inneren van den GEEST geeft ons de "tekens" waaruit wij naar ónze wijze op ónze wijze genoeg kunnen "lezen" dat het geheime lijk wonder lijk WAAR is. vóór alles het "teken" van Zijn verrijzenis op UW woord. geloven in het WONDER van den ZOON van den VADER van de SCHEPPING en het VERBOND is de VOLtooiing van het SCHEPPINGSgeloof en het VERBONDSgeloof. het WOORD bevestigt en VOLTOOIT de Schepping en het Verbond. Die LEEFT, bevestigt den LEVENDEN en leven gevenden VADER, verheerlijkt HEM en uit dér aard de kostbare gave van het leven in al dat heri, hodie, et in saecuala saeculorum leeft uit en in en door en met HEM. de VOLheid van het geloven in jezus van nazareth is het geloven in CHRISTUS: GOD den ZOON, den gelijken van den VADER, op UW woord, d.w.z. voorbij en bóven àlle "naar men meent" uit. "Zonder MIJ kunt gij niets."

c) verschijnt de GEEST als de HELPER, de her innerende SCHEPPENDE en het Verbond VERBINDENDE. als Die Zijn her inneren herinnert, Die brood, wijn, water, vuur, licht, helderheid en kracht "doopt" in den NAAM van VADERZOONenGEEST.

ónze naar onze wijze op onze wijze grondige "duisternis" verdwijnt voor het LICHT van het leren en in her innering brengen van al wat IK u heb gezegd door den GEEST, op UW woord. d.w.z. het LICHT in de verhalen van "de leerlingen" van het WOORD. en DIE is wezen lijk ànders dan "naar men meent". hoe goed men het ook meent.

 

4. het "naar men meent" in het "hoe goed men het ook meent" wordt -if we are lucky- door het her inneren van den GEEST, op UW woord, geheime lijk wonder lijk van gedaante verànderd tot een wonder lijke visvangst, een wonder lijke broodvermenigvuldiging, een wonder lijke veràndering van water in wijn, van den zoon van den timmerman in den GEZALFDEN, EENGEBOREN ZOON van GOD. het verrijst, niet uit eigen kracht, maar uit de kracht van het WOORD. het wordt verheerlijkt door den HEER "door Wien het is ontstaan, zonder Wien niets is ontstaan". het WOORD alleen kan het "naar men meent" verlossen, d.w.z.: uit het graf roepen, los maken en laten gaan; VOLheid geven uit en in Zijn VOLHEID van "mening".

óns woord is -om te leven en leven te geven- aangewezen op het WOORD. het kan alleen VOL wassen en VOL klinken uit en in den CON TEXT van het WOORD. het "krijgt" zijn reële betekenis in verbondenheid, in on verdeeldheid met den CON TEXT van het WOORD. het is er con textueel, óf niét. het is er organisch, als rank aan den wijnstok levend en vruchtbaar, óf als een dorre tak. het is in al zijn heerlijkheid de articulatie van het VISIOEN van GODS wonen onder ons, in, met, voor en door ons. het ver beeldt, be tekent gesproken of geschreven, den NAAM van GOD.

de adel van ons woord is de weerspiegeling van zijn AF- en TOEKOMST. het is on eigengereid, on eigenzinnig, on eigenstandig, on eigenmachtig, on eigendunkelijk, on eigengerechtigd, on eigenliefdig, on eigentijds, on eigenwijs, on eigenwillig ten VOLLE bereid, zinnig, standig, machtig, gedacht, recht en gerechtigd, liefderijk, hier en nu nù hiér, wijs en gewillig. een ànder woord, een vreemd woord, een geheime lijk wonder lijk verbijsterend verbazend boeiend woord. uit en in zijn AF- en TOEKOMST gaat ons woord aan tafel aanliggen op de laatste plaats. het luistert, en spreekt daarna. het spreekt nooit los van het luisteren, en de heer des huizes neemt het van de laatste plaats weg en begeleid het zelf naar "hoger op", waar het vanwege den heer thuishoort. de heer zelf veràndert het van plaats, her innert het zijn plaats. zijn spreken is afgestemd op zijn beluisteren van de STEM. ons woord spreekt éénstemmig uit en in de on verdeeldheid van spreken en luisteren.

 

5. de SCHRIFT -wat er geschreven staat- werd "geschreven" (scripta MANENT) naar ons toe. Zij is het WOORD van GOD door ons voor ons. GOD "schrijft" niet zelf aan Zichzelf over Zichzelf (egotrip), maar door ons over Zichzelf aan ons (om ons te laten ervaren hoe wij op HEM gelijken). HIJ schrijft meteen, on verdeeld, over ons: uit ZIJN "beeld" komt ons beeld te voorschijn, opdat wij VOLmaakt zouden worden zó als HIJ VOLMAAKT is.

wat er geschreven staat ont sluit voor ons op geheime lijk wonder lijke wijze het geheim en het wonder van ons bestaan, zijn toegevoegde méérwaarde. wat er geschreven staat is gericht op de boetsering, de articulatie van, het vorm geven aan onze bewustwording, ons geweten. de GEEST boetseert ons geweten door her innering van wat er geschreven staat, al wat IK u heb gezegd. het is het einde lijk werk van mensen, maar het UITEINDE lijk werk van den GEEST. wordt de "pastor" geweerd, de GEEST blijft tot in den weerstand, de weerbarstigheid, in het geweten. de her innering van wat er geschreven staat blijft de toets steen voor ons bestaan., ook voor die den "pastor" weigert. UITEINDE lijk blijft -on loochenbaar, on ontwijkbaar- het myself and my Creator.

den "pastor" weigeren te aanhoren, beluisteren, is wezen lijk on wijs. de pastor is de gewoon natuur lijke plaats voor de vorming van het geweten. hij is de plaatsvervanger van den Goeden Herder, het WOORD.

a) GOD ont sluit Zichzelf aan ons op de naar ónze wijze op ónze wijze perfecte wijze van het WOORD. het WOORD is de VOLHEID van wat er geschreven staat. vandaar het "Luistert naar Hem".

b) het WOORD spreekt tot ons via wat "de leerlingen" schreven. zij "schreven" het verhaal van het WOORD: hoe HIJ den VADER ont sluit (openbaart); hoe HIJ óns bestaan ont sluit. het wordt door ons "geweten", het wordt ons geweten door het her inneren, het leren van den GEEST van al wat IK u heb gezegd.

c) het WOORD verzamelde Zijn "leerlingen", bracht ze met Hem én onderling om HEM samen. zij zijn wezen lijk méér dan een leerling. zij zijn een vergadering, een gemeente, een kerk. één kudde en één HERDER. de vergadering is: àllen die WOORD lijk (CHRISTUS lijk, GRONDig) denken, doen en dichten. alle christenen, allen die uit en in en door en met CHRISTUS het wonder laten geschieden dat: wat zij op aarde binden, óók in den hemel zal gebonden zijn; dat al wat zij op aarde ont binden, óók in den hemel zal ont bonden zijn.

d) de vergadering krijgt gewoon natuur lijk, van zelf sprekend, een ordening, een structuur. er staat geschreven dat "in die dagen Petrus opstond in het midden der broeders (er waren ongeveer 120 mannen bijeen) en sprak...". die structuur, dat levend organisme, is "het lichaam van den LEVENDEN VERREZENEN", het lichaam waarvan CHRISTUS het hoofd is dat Petrus in Zijn plaats delegeert en waarin alle christenen hun eigen plaats bekleden. de vergadering is uit en in CHRISTUS één lichaam en één GEEST.

e) de vorming van het geweten is de vrucht van de on verdeelde samenwerking van de vergadering, van het HOOFD (vertegenwoordigd door den paus) én de ledematen. d.w.z. de samenwerking van het HOOFD (dat in ons her innert al wat IK u heb gezegd door den GEEST), van den GEEST, met het hoofd en de ledematen, den GEEST Die hoofd en ledematen onderling één maakt: één kudde en één HERDER. de GEEST boetseert het geweten in de vergadering, uit en in on verdeelde verbondenheid. het is de zin van de "pastorale" brief. de "pastorale" brief is wezen lijk een gesprek, een wisselwerking van samenwerking van wederzijds luisteren (naar den GEEST) en spreken, die alleen effectief is binnen de orde in de vergadering, binnen het op zijn natuur lijke plaats blijven van alle ledematen van het lichaam.

 

6. de vergadering is de verlenging, het geschieden in de geschiedenis, van hoe jezus zelf Zijn "leerlingen" vergaderde:

a) HIJ stelde een vóór ganger aan, die gewoon natuur lijk, organisch levend spontaan uit het gebeuren te voorschijn komt zonder weerstand, zonder "kritiek". "de leerlingen" schaarden zich rond Petrus op UW woord, uit en in het her inneren van al wat IK u heb gezegd door den GEEST. op UW woord werd het wonder van één lichaam en één GEEST.

b) HIJ gaf aan "de leerlingen" Zijn woord in hùn handen. zij werden door HEM afgevaardigd (gij zult Mijn getuigen zijn) om uit en in het her inneren van den GEEST op hún beurt de leer en het her inneren te laten geschieden, door te trekken, te verlengen. pastoraal: als paus en bisschoppen gewoon natuur lijk, zonder "morren", weerstand of weerbarstigheid, in den geest van lucas' "een verhaal van de gebeurtenissen die onder ons zijn geschied en zoals zij ons door de eerste ooggetuigen en bedienaars van het Woord zijn overgeleverd".

c) HIJ zelf verlengt wat "de leerlingen" schreven (al wat IK u heb gezegd staat voor altijd "geschreven") uit en in en door de vergadering die HIJ startte toen HIJ Zijn leerlingen rond Zich vergaderde, verzamelde, naar ons toe. Zijn PASTORAAL werd in de geschiedenis gebracht als een gebeuren dat via de pastoraal van "de leerlingen" plaats heeft in de pastoraal van onzen paus en onze bisschoppen: één lichaam en één GEEST, innerlijk GRONDig bestand tegen "morren", weerstand en weerbarstigheid. omdat het WOORD en het leren en her inneren van den GEEST wonend onder ons bestand zijn tegen dit "morren", weerstand en weerbarstigheid.

de pastoraal hierennu nù hiér is de gewoon natuur lijke organisch levend spontane ont vouwing van jezus' PASTORAAL, de vruchtdragende rank aan den WIJNSTOK. zij gebeurt "op de hoogte" van geloven: in de wereld, maar helder en krachtig niét er van. zij gebeurt in de ogen vóór de ogen van die geloven geheime lijk wonder lijk WOORD en GEEST lijk. zij gebeurt niettegenstaande, maar, en toch: als het bevrijdend bevredigend bevreugdend antwoord op àlle "problemen". zij gebeurt één op tien. in de "kleinen" en "eenvoudigen" en on verdeelden. in die aan tafel op de laatste plaats gaan aanliggen.

 

7. jezus vergaderde uit en in de on verdeeldheid van "HEMEL" en "aarde", verzamelde uit en in den samenhang van hemelenaarde in den NAAM van den VADERZOONenGEEST, door en over verdeeldheid heen. de GEEST is een helderheid die den samenhang doet zien en een kracht die hem actualiseert. HIJ verzamelt; de "duivel" is een duisternis die den samenhang verdeelt en een kracht die uiteen doet vallen. hij "verstrooit".

de geest van het verhaal van "de leerlingen" is dit verzamelen. het geheim van "den leerling" is dit deelhebben en -nemen aan het GEHEIM van den GEEST van jezus van nazareth. "Begrijpt gij wat Ik aan u heb verricht?...Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat ook gij zoudt doen zoals Ik u heb gedaan." (Joh. 13/12+15)

de geest van de vergadering is de geest van het verhaal van "de leerlingen": deelhebbend deelnemen aan het GEHEIM van jezus. een geest van onverdeeld on verdeeld samenzijn en samenbrengen van "HEMEL" en "aarde". en die geest is fundamenteel een geest van geloof: samenzijn en samenbrengen, vergaderen, gebeuren fundamenteel uit en in geloven.

a) de SCHRIFT geeft haar GEHEIM prijs aan die geloven. voor die geloven krijgt het WOORD zijn VOLHEID van betekenis, van helderheid waarin de samenhang van "HEMEL" en "aarde" verschijnt. uit dér aard krijgt ons woord zijn VOLheid uit en in geloven, uit en in het betekenen van den samenhang.

b) het BROOD geeft zijn GEHEIM prijs aan die geloven. voor die geloven krijgt het BROOD zijn VOLHEID van betekenis, van kracht waardoor de samenhang van "HEMEL" en "aarde" geactualiseerd wordt. de eucharistie krijgt haar VOLHEID van maaltijd van den HEER uit en in geloven, uit en in het betekenen van de vergadering: het MIJ niét vergeten. het BROOD is het teken van één lichaam uit en in één GEEST.

het samen van "HEMEL" en "aarde" is de VOLLE waarheid. ons woord is VOL uit en in de VOLLE waarheid. uit en in de "halve waarheid" is het half, en uit der aard vals, on waar. "de aarde" is VOL uit en in haar samenhang met "den HEMEL". ons woord is VOL als het dien samenhang articuleert: het woord leven klinkt VOL uit en in zijn con text LEVEN; het woord dood klinkt VOL uit en in zijn con text LEVEN. de kleine letters zijn groot uit en in de HOOFDLETTERS. zij zijn gedragen door, worden GROOT (d.i. VOL) uit en in de HOOFDLETTERS. die gelooft ziet in de kleine letters de GROTE, met "arendsogen".

het WOORD is een GROOT woord: de samenhang van de kleine en de GROTE letter. het WOORD is samen. een GEHEIM: te GROOT voor ons, maar genoeg. uit dér aard: kan óns woord nooit WOORD zijn, maar alleen er op gelijken; wordt ons woord groter dan in den con text van het WOORD; is de VOLheid van ons woord een deelhebben aan de VOLHEID van het WOORD; blijft ons woord beperkt, maar is het genoeg. het is GROOT in zijn kleinheid. hoe meer het vermindert, hoe meer het verméért.

dat is het geheim van den dichtenden dichterlijken, een geheim uit en in het GEHEIM, een geheim met stukjes GEHEIM, vonken afgevend van het GEHEIM. ons woord staat in het teken van: het Woord was bij God en het Woord was God, de Eengeborene uit den Vader, de Zoon van God, zonder zonde. in het teken van het GEHEIM van het WOORD, dat het GEHEIM van GOD is. een GEHEIM dat uit dér aard geheime lijk wonder lijk óns woord be vonkt. d.w.z. be GEEST: de heerlijkheid van den VADER uitstraalt in lof, in dank, in instemming en beaming, in hallelu jah, in gelovendhopendbeminnen (al is de LIEFDE een GEHEIM dat ons ontgaat).


<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>


begin boeken levensverloop contacteren

Ernest Bornauw /Provijnsstraat 2 /3020 Herent /België
Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.
Als gebruiker mag u het werk kopiëren, verspreiden, tonen en op- en uitvoeren onder de volgende voorwaarden:
• Naamsvermelding. De gebruiker dient bij het werk de door de maker of de licentiegever aangegeven naam te vermelden.
• Niet-commercieel. De gebruiker mag het werk niet voor commerciële doeleinden gebruiken.
• Geen Afgeleide werken. De gebruiker mag het werk niet bewerken.
• Bij hergebruik of verspreiding dient de gebruiker de licentievoorwaarden van dit werk kenbaar te maken aan derden.
• De gebruiker mag uitsluitend afstand doen van een of meerdere van deze voorwaarden met voorafgaande toestemming van de rechthebbende.
Het voorgaande laat de wettelijke beperkingen op de intellectuele eigendomsrechten onverlet.
Bewerkt voor internet door Bart De Wolf
desheerens.com is online sinds januari 2005