|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
1. Het woord is in wezen een geheim. een wonder op UW woord, een zeggen dat geheime lijk wonder lijk groter is dan: hierennu nù hiér onverborgen geboren wordt en "in het verborgene" reikt tot in den beginne en het uiteinde. zó als de mens zelf. als een mens spreekt op UW woord, zegt hij meer dan hij zegt.
2. spreken heeft een "aards" aspect omdat de mens enerzijds "aarde" is. het woord wijst enerzijds onverborgen naar het onverborgene, articuleert "aards" "de aarde". het geeft boter bij den vis. en uit der aard bevredigt het op aarde "de aarde" in ons. wat de mens zegt is grijpbaar voor het begrijpen. die zegt: "de deur is open", laat den bezoeker verstaan dat hij kàn binnen komen zonder meer.
het "aards" aspect van het woord staat in functie van begrijpen. het is open, begrijpbaar, en maakt begrijpen mogelijk. en uit der aard handelen. spreken is handelen mogelijk maken: binnenkomen, buitengaan. het bevordert den omgang met elkaar: van spreker met aangesprokene, en omgekeerd. het is de grond van relatie door communicatie.
deze eigenschap van spreken is zo vanzelfsprekend, zo onverborgen, dat zij al op het eerste gezicht in het oog valt. spreken brengt zijde aan zijde door wederzijds begrijpen, door wederzijds helder hanteren van het woord als vormgeving aan het onverborgene. het woord deur wordt door spreker en aangesprokene begrepen als wijzend op het ding deur, en zo het woord open, en zo het verband (is) tussen deur en open. daarmee ware de kous af... indien er onder ons, op aarde, niet "het verborgene", het méér dan "aarde" was. indien het net niet "rechts van de boot" kon uitgeworpen worden met het gevolg van "slagen". (Joh. 21/6) indien er niet de àndere en het ànders was: het ànders terwille van den ànderen, het woord op UW woord.
3. "Ik ben de hazelnoot." hiér brengt het onverborgen woord misverstand voort door de verbinding van het onverborgen ik met de onverborgen hazelnoot. de verbinding is "aards" on begrijpbaar, on verklaarbaar, doordat de verbinding van "de aarde" ik en hazelnoot beide verrijkt, vergroot, verméérd worden tot een verzameling die groter is dan. hiér worden wij "van de aarde opgeheven" en komen terecht (overeind) in het geheim van de on verdeelde éénheid van hemel en aarde, dat de natuur lijke plaats van "de gelijkenis" is. "gelijkenis" tussen "aarde" en "HEMEL", gegrond in de SCHEPPING en het VERBOND, hemelt de aarde op en doet ze geheime lijk wonder lijk behoren tot de orde van het VISIOEN. en uit dér aard tot "het verborgene", het rationeel on grijp- en on verklaarbare.
het verborgene wordt verhuld onthuld in "de gelijkenis". hiér wordt ons zeggen rijker, groter, méér dan wij denken te zeggen: verrijkt, vergroot, verméérd met de toegevoegde waarde van het GEHEIM en het WONDER onder ons. "Ik ben de hazelnoot" is geen techniekje, geen kneepje van het vak, laat staan de wartaal van een gek. dit spreken is articulatie van VISIOEN, van "het verborgene" op aarde, van de verzameling van al dat leeft opdat niets zou verloren gaan. de dichtende dichterlijke zegt meer dan hij denkt te zeggen doordat zijn woord vervuld, d.i. verVOLd, wordt met her innering van den GEEST Die verzamelt, niets laat verloren gaan. HIJ verzamelt ik en de hazelnoot tot de toegevoegde VOLheid uit en in hun samenvoeging.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
