|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
1. GODS logica is van een ànderen aard, groter dan die van de mensen. zij is de VOLHEID van Zijn menslievendheid, de on verdeelde trouw aan Zijn SCHEPPING en VERBOND. Die den mens uit "aarde" schiep en op aarde plaatste, gaf hem naar zijn wijze op zijn wijze, d.w.z. "aards", de mogelijkheid met HEM te communiceren. HIJ slaat Zijn tent op onder de mensen, woont onder ons, "verschijnt" lichamelijk in de dingen van Zijn SCHEPPING, in "gelijkenissen", "tekens", "sporen" van Zijn aanwezigheid op aarde, zó dat die verstand heeft gekregen met enig nadenken over wat hij hoort, ziet en tast uit zijn waarnemingen van de dingen der SCHEPPING den SCHEPPER ervan kan "aflezen". HIJ laat sporen na en geeft den mens het vermogen die sporen te horen, te zien en te tasten. HIJ laat den mens niet alleen, wandelt met hem in den schaduw der bomen op het middaguur. Zijn logica is die der liefde, niet die der berekening. zij is de consequente trouw aan ZICHZELF, aan Zijn NAAM.
2. de VOLHEID van deze trouw is de mens wording van GOD de ZOON. deze mens wording is de VOLHEID der lichamelijkheid van GOD den VADER, van Zijn wonen onder ons. de zoon van den timmerman is de VOLHEID van de lichamelijkheid van den VADER onder ons. "Hij heeft onder ons gewoond" is een verbijsterende, verbazende wonder lijke uitspraak waarvan wij de ongehoorde betekenis voor ons nooit zullen kunnen "schatten". jezus is de lichamelijkheid van CHRISTUS, GOD de ZOON als "beeld" van den VADER ons naar onze wijze op onze wijze, d.i. lichamelijk, te horen, te zien en te tasten gegeven opdat niets verloren zou gaan. HIJ fundeert onze lichamelijkheid in de SCHEPPING en het VERBOND door lichamelijk te worden en geeft haar, haar naar HEM toe optrekkend, de bekwaamheid om met het GOD lijke in contact te komen. dit is: het GOD lijke te kunnen "aanraken" (en onze handen mochten betasten) en er uit der aard door aangeraakt, getroffen, verbijsterd en verbaasd uit den boom gehaald, te worden. ZIJN lichamelijkheid adelt de onze door ze te verrijken, vergroten, vermééren met de mogelijkheid GOD aan den lijve te ervaren, ze op aarde op te tillen tot de hoogte van den hemel, haar "aards" heid met "HEMELS" heid te verVOLLEN. ZIJN lichamelijk, d.i. geschiedend in onze geschiedenis onder ons "verschijnen" is de grote, absolute en definitieve wende van de geschiedenis: voor altijd vóór en nà in CHRISTUS.
3. jezus van nazareth CHRISTUS blijft lichamelijk onder ons in het verhaal van "de leerlingen". het verhaal is wezen lijk de verlenging van ZIJN lichamelijkheid. het WOORD is vlees geworden en hun woord werd de belichaming ervan, het naar onze wijze op onze wijze voor onze wijze woord lijk vlees worden van het wonen van het WOORD onder ons voor altijd.
het woord van "de leerlingen" is de verlenging van ZIJN mens wording: de schitterende mogelijkheid van het ont sluiten en ont vouwen, het hierennu nù hiér hoor-, zicht- en tastbaar maken ervan in de LIJN op de LIJN van ZIJN historische aanwezigheid onder ons. HIJ heeft dit zelf zó gewild doordat HIJ Zijn verhaal aan hen heeft toevertrouwd op de schitterende wijze van de her innering door Zijn GEEST van "al wat Ik u heb gezegd". hùn woord is wat er van zijn lichaam is overgebleven: de on schatbare relikwie van Zijn GEEST, van jezus CHRISTUS. een lichamelijkheid die verbijsterend, verbazend, boeiend wonder lijk is op getrokken tot de hoogte van de VOLHEID van den GEEST, van opgeHEMELde "aarde".
het woord van "de leerlingen" is de "logische" verlenging van de -niét voorbijgaande- welwillend- en menslievendheid van den VADER, den ZOON en den GEEST, van de "logische" trouw van GOD aan Zijn SCHEPPING en VERBOND, Zijn intens aandachtige bestendige aanwezigheid in de geschiedenis: onder ons voor ons. het woord van "de leerlingen" is een kostbaar geschenk ons vóór de voeten aan de voeten gelegd en in handen gegeven opdat niets zou verloren gaan. opdat wij het zouden ont sluiten en ont vouwen naar de wijze op de wijze van de geschiedenis: voor àlle volken en tot het einde der tijden.
4. als leerlingen van "de leerlingen" van jezus CHRISTUS. noem het: als kerk, het mystiek lichaam van CHRISTUS. de kerk -allen die niet uit vlees en bloed of den wil van een man, maar uit God zijn geboren- is de verlenging van de lichamelijkheid van het woord van "de leerlingen", dat de verlenging van de lichamelijkheid van CHRISTUS is. opdat -in de geschiedenis- niets ervan verloren zou gaan: niet op den weg, of op de rots, of tussen de doornen. integendeel: opdat het -zich ont sluitend en ont vouwend- in goeden grond uit en in de KIEM eerst halm, dan aar, en dan rijpe VOLLE aar zou worden.
de lichamelijkheid van de kerk is een geschenk van GOD. zij speelt in op onze lichamelijkheid en bevestigt ze ze verrijkend, vergrotend, verméérend. hoe kwetsbaar ook, en in feite gekwetst, zij is de wijze van ZELFopenbaring die GOD voor onze wijze heeft gewild. hoe uit haar aard van "aarde" zondig ook, het zou van waan zin, eigen waan en hoogmoed getuigen den eersten steen te werpen en terwille van de zonde van "de aarde" "den HEMEL" erin te verwerpen. het zou getuigen van een vertekend beeld niet alleen van GODS welwillend- en menslievendheid, Zijn trouw aan Zijn SCHEPPING en VERBOND, maar óók van onze wijze van beADEMde "aarde", van de -niettegenstaande alle kwetsbaarheid ervan- door GOD uit en in CHRISTUS' lichamelijkheid bevestigde waarachtigheid, waardigheid en waarde van ónze lichamelijkheid. vertrouwen in de lichamelijkheid van de kerk is vertrouwen in CHRISTUS en Zijn GEEST: is geloof in en respect voor onze wijze, uit liefde ervoor hopend dat GOD de ZOON op grond van Zijn lichamelijkheid ze met Zijn GEEST zal vervullen en verVOLLEN.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
