|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
"Wij zijn geëvolueerd van een volkskerk naar een vrijwilligerskerk..." dit is: een uitdunning van het "gelovig volk" tot gelovige vrijwilligers. een maatschappelijk verschijnsel op grond van geschiedenis, eigen aan onzen tijd, teken van dit tijdje. hoor-, zicht- en tastbaar in "het leeglopen van de kerken" op cruciale momenten van het leven: doopsel, huwelijk, uitvaart, roepingen, zondagsviering. in feite een wegdeemsteren van de praktijk der sacramenten uit het dagelijks leven van deze "gelovigen", verbonden met een groeiende kritiek op het instituut Kerk, een succesvolle "liberalisering" en "individualisering" die het teken zijn van de geest van de wereld in dit tijdje. voor de gemeente, de ecclesia, blijven alleen nog "vrijwilligers".
1. dit tijdje is het uur van zacheus, het uur van de kleine man die in den wilden vijgeboom klimt om jezus (door de menigte verborgen) te zien en aan den lijve, live ("Vandaag moet Ik in uw huis verblijven") te ervaren dat er hiér méér is. de menigte verdwijnt gewoon uit het verhaal, even snel als zij er in gekomen was.
1.1. de vrijwilliger is "die graag wil zien wat voor een man jezus is" en te dien einde de moeite doet om in een boom te klimmen. uit vrije wil, on bevangen, on geremd, on benauwd door en voor de menigte. hij is de mens van den impuls, die den inslag hoort en luistert. in feite die het geluk heeft te kùnnen deelnemen aan het mógen kunnen deelhebben aan het WOORD terwille van de kracht die van HEM uitgaat door de menigte heen.
1.2. hij is de -geheime lijk wonder lijke vreemd welwillende- vrij gewillige die zonder aarzelen, zonder kritische remmingen, het net rechts van de boot werpt en op UW woord 153 grote vissen vangt. in een weerbarstige wereld in jezus CHRISTUS geloven is de rijpe vrucht van een door GOD gehonoreerde gewilligheid, de zachte waarde van een vreemde sensibiliteit voor de zachte bries. tegen den zeer zwaren storm, de aardbeving, het vuur van den liberaliserenden en individualiserenden geest van dit tijdje in.
1.3. hij is die belangloos ten dienste staat van de gemeente, her innerd door den GEEST, in den GEEST van "de leerlingen", van "al wat Ik u heb gezegd". in goeden grond gegrond gewoon voortdoend, on aangeslagen, on verward, on beangst en on benauwd uit en in het "Vreest niet, kleine kudde". want de aarde brengt zelf haar vruchten voort. de druiventrossen moeten worden uitgedund tot de uit der aard kleine kudde van vrijwilligers, vrij gewillige belangloze dienaars der gemeente, de in den NAAM van den VADER, den ZOON en den Heilgen GEEST verzamelden, opdat niemand van die GIJ MIJ gegeven hebt verloren zou gaan.
2. de vrijwilligers zijn die, uit GOD geboren, "gedoopt" in en uit dér aard doordrenkt van den NAAM van den VADER, den ZOON en den GEEST, bevrijd vrij, bevredigd vredig en bevreugd vrolijk in den HEER, niet om kijken, niet rond kijken, maar voor zich uit, wetend dat, hoe donker de nacht ook is, de HEER verrezen is en met HEM Zijn kerk. zij zijn de getuigen van en die getuigen voor "wat daar dezer dagen gebeurd is... betreffende Jezus van Nazareth..., machtig in werk en woord, voor God en het hele volk,...ter dood overgeleverd en gekruisigd...Zij hadden zijn lichaam niet gevonden,...een verschijning gehad van engelen die zeiden dat Hij leeft...en dat zij Hem herkenden...door het breken van het brood". de rest wordt er bij gegeven omdat zij er in begrepen is.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
