|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Het geheim van den mens is -hoe dan ook, want GODS geheimenis- zijn status van beADEMde "aarde": van een natuur die OORSPRONG lijk en UITEINDE lijk bóven natuurlijk is. de mens is in de geschiedenis van "de aarde" verschenen "toen het nog donker was". hij is een nieuw wezen dat in den vroegen morgen -morgenlijk als de zon- verrees als de beLICHT lichtende mens. de glans van GODS gelaat en handen straalt door de spleten in zijn mens zijn naar buiten. zó als dit gebeurt in elken pasgeboren, d.w.z. ter wereld gekomen, mens moet het gebeurd zijn in de eerste ter wereld gekomen mensen: uit stof van de aarde genomen wordt hij en werden zij door GOD beADEMd tot "een levend wezen", levend voor altijd.
uit en in den GEEST van den VADER SCHEPPER en den ZOON VERLOSSER wordt de natuur ("de aarde") in den mens geheime lijk wonder lijk opgetrokken tot 10 meter boven den platten grond, de bóvennatuur ("den HEMEL"). de mens begint, hierennu nù hiér beginnend, al in het BEGIN én begint op nieuw, hierennu nù hiér eindigend, in het UITEINDE.
er kan over een mens uiteinde lijk niets zinnigs waargenomen, gedacht, gedaan en gedicht worden dat niét gedragen is door dit bóvennatuur lijke in zijn natuur, niet ingebed is in zijn geheim. het menselijk wenslijke en haalbare bereiken hun VOLheid uit en in dit geheim dat wij slechts zien als in een spiegel, waaraan en waarin wij moeten geloven omdat het onze kennis en onze kenvermogens te bóven gaat.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
