|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Al dat leeft is wezen lijk letter en geest: onverborgen drager van het verborgene. dit is de grondslag van het altijd nieuw zijn van het oude, het altijd oud zijn van het nieuwe in de geschiedenis. al dat leeft geschiedt, d.w.z. laat het verborgene steeds weer op nieuw verschijnen. uit dér aard lééft al dat geschiedt uit en in dit verborgene.
het verborgene gaat aan het onverborgene vooraf en verder. de geest in de letter reikt terug tot in het BEGIN en verder tot in het UITEINDE. hij put uit de BRON, is een vonk van den GEEST en uit dér aard levens beginsel van al dat leeft. de letter leeft uit en in den geest van den GEEST. en uit dér aard blijft zij doorheen haar verànderingen in de geschiedenis on veranderd leven: blinken en blozen van den GEEST. uit dér aard is het oude altijd nieuw.
uit dér aard is en blijft het oude (de oude letter) doorheen de geschiedenis uit en in den geest van den GEEST erin blijvend waarachtig, waardig en waardevol. blijft het blijvend fundament van het in de geschiedenis verschijnend nieuwe (de nieuwe letter).
ziet de letter er anders uit, de GEEST erin is onveranderd, de zélfde als die in de oude. het oude is geroepen om den GEEST te "tonen" opdat HIJ her- en erkend en bewaard zou worden, niet zou verloren gaan. het oude is er opdat het nieuwe den GEEST erin zou her- en erkennen, in zich zou bewaren, niet verloren zou laten gaan.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
