|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
op de wijze van den mens. dit te mogen kunnen ontdekken is het grootste dat een mens kan overkomen: het reële onbedrogen onbedrieglijk onbedriegend zichzelf zijn. een mens is alleen zichzelf op de wijze van den mens.
het wordt hem aangeboden, op alle mogelijke en onmogelijke manieren te horen, te zien en te tasten gegeven in zijn wereld. wonder lijk. zó wonder lijk, dat het hem verbijstert, dat deze verbijstering overgaat in verbazing, deze verbazing in een verwonderd bewonderend geboeid zijn, een intens aandachtige gehoorzaam luisterende aanwezigheid in de wereld.
in feite is dit gebeuren de fundamenteel wezen lijke om- en bekering van den mens, zijn gedaante veràndering in en met de gedaante veràndering van zijn wereld, zijn authentiek OP getrokken en VOLtooid worden op de wijze van den mens. het is het geschieden van:
- "en vroeg zich af wat die groet kon beduiden,
- hoe kan dit geschieden daar ik geen man beken,
- want niets is onmogelijk bij God.".
dit is: dàt en hoé de bedenkingen van den mens door de bevestiging van den engel ongedaan gemaakt worden. de wijze van den mens krijgt haar VOLheid uit en in de wijze van god; het mysterie krijgt zijn plaats binnen het geheim: "Mij geschiede naar uw woord.". de vraagstaart mens wordt omgebogen tot een vrij en vrolijk uitroep teken.
het verhaal van maria van nazareth is het archetype van het VOLtooide op de wijze van den mens: bij Gods genade alleen nog LOF. "MAGNIFICAT anima mea Dominum...". dit is het verhaal bóven àlle verhalen ("Gezegend zijt gij bóven àlle vrouwen") van het hoogste op de wijze van den mens ("en gezegend is de vrucht van uw schoot."). geschieden is niet alleen verleden; het is óók, te zelfder tijd, toekomst. geschiedenis is het hier en nu verrijkt met vóór en nà; met vóór naar het nà toe. het geschieden van een mens is uit en in dit vóór en nà gods geheimenis. mens worden op de wijze van den mens is zich, instemmend vertrouwend in, overgeven aan dit mysterie; genoegen beleven aan het GENOEG.
de mens, op ONS gelijkend, als een open mogelijkheid van:
"De Heilige Geest zal op u neerdalen en de
kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen.
Wat uit u wordt geboren, zal heilig zijn.".
een mogelijke onmogelijkheid omdat bij God niet onmogelijk is. dààr in geloven is plaats hebben op den vasten grond van den VASTEN GROND; is leven zonder angst; niet zonder pijn, maar zonder angst. het is hier en nu uit en in het HOREN, ZIEN en TASTEN van het VOOR het NA al zien, de toekomst in het hier en nu van de leliën op het veld, de vogels in de lucht, den vijgeboom, den zaaier, den verloren zoon, den blinden van jericho, den lammen, den jongen man van naïn, lazarus.
de Schrift is het den mens tot leven wekkend Woord en WOORD, door god voor ons ongrijpbaar en onverklaarbaar aan ons toevertrouwd: ons vóór de voeten aan de voeten gelegd en in handen gegeven. geen mens zal ooit ten volle begrijpen waarom jezus van nazareth over zijn wonen onder ons niets Zélf heeft geschreven, noch door een "schrijver" heeft laten optekenen. Hij heeft het aan Zijn leerlingen overgelaten, nà Zijn dood (toen àlles VOltooid was!), zonder een mogelijke "controle" door Hem.
dit was een grondeloos vertrouwen in den door Zijn GEEST verhelderden en bekrachtigden mens: in die het zou schrijven én die het zou lezen. het was de trouw van ONS (den Vader, den Zoon en Hun Geest) aan den mens, aan het op de wijze van den mens; het voorbeeld dat God den mens geeft van den trouw van den mens aan het op de wijze van den mens.
1) zijn gehoorzaam beluisteren van en luisteren naar den GEEST; zijn afstemmen van zijn woord op het Woord en het Woord voor die schrijft.
2) zijn onvoorwaardelijk geloven in dit woord van het Woord en het WOORD. dit is: geloven in de aanwezigheid van het woord van God in het woord van de leerlingen. dit is de fundamenteel wezen lijke deemoed tegenover het op de wijze van den mens: de mens stelt geen wetten aan God; er is van jezus van nazareth's wonen onder ons niets verloren gegaan. hoe ongrijp- en onverklaarbaar want on menslijk het ons ook moge voorkomen. voor den deemoedig gehoorzaam volgzamen gelovenden is niets verloren, is er meer dan genoeg.
aan God geen wetten stellen is VOLwassenheid van het op de wijze van den mens. de bekoring van aan God wetten te stellen is het risico vanwege God aan het op ONS gelijkend verbonden; het risico van de verwarring tussen op ONS gelijkend en aan ONS gelijk; het grote mis verstand van den verstandigen mens.
VOL gewassen zijn op de wijze van den mens is God nemen zó als Hij is, zó als Hij Zich laat kennen uit en in Zijn Zelfopenbaring. én dààr uit en in begrepen den mens nemen zó als hij is: geschapen op ONS gelijkend fundamenteel wezen lijk vrij vrij te worden uit bevrijding. dit is: bij Gods genade.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
