|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
dit is zijn "beperking" uit en in den eenvoud van het hart, uit en in zijn vrijheid uit bevrijding. sprekend werkt hij in deemoed mee met Die SPREEKT, naar het op de wijze van den mens zó sprekend als Die SPREEKT.
men kan niet alles spelen, van alles een spelletje maken, het weg spelen, van zich afspelen, er zich inspelen en het uitspelen tegen. met zijn leven spelend verspeelt men het, al heeft men de lachers mee; met het spreken spelend verspeelt men het.
het Woord en het WOORD gelijkend op het "Woord" en het "WOORD" openbarend, is het woord van den dichtenden dichterlijken openbaring van het dichterlijke van ons bestaan: het wonder van het WONDER bóven wonder.
"God sprak: daar weze licht. en er was licht.
En God zag dat het goed was."(Gen. 1/3-4).
dàt god schiep, en dàt wat Hij schiep, goed was, is het goede nieuws voor de mensen. scheppen is goed nieuws brengen. de mens is fundamenteel wezen lijk goed nieuws. mógen kunnen spreken én kùnnen mogen kunnen spreken is goed nieuws. en de mens kan uit en in de wijze van den mens -van nature- zien dat het goed is én het zeggen. uit dér aard is de mens van nature een dichterlijke dichtende. dit is: die het goed zijn ziet, is een dichterlijke;
die dit zien kan zeggen, is een dichtende. literatuur of geen. óók hiér gehoorzaamt een mens aan god meer dan aan de de literatuur bepalende mensen. dichterlijk spreken is vrij en vrolijk het woord zijn gang laten gaan met het zien, het zien met het woord. on bevangen on gevangen.
dichten is zich on gehinderd, on bevreesd, on bevangen laten gaan zó als god; spreken, en zien dat het goed is. licht is goed. de dag, de nacht, de zon, de maan en de sterren, de bomen, de bloemen, de vruchten, de rots en de goede aarde, water en warmte, de man adam en de vrouw eva, zijn fundamenteel wezen lijk, geschapen ingeschapen goed. én de vrijheid van den mens: on gehinderd, on bevreesd, on bevangen bij Gods genade. bij: óók Gods geheimenis is goed voor den mens.
dichten is on gehinderd, on bevreesd, on bevangen in stemmen met Gods geheimenis, met "En God zag dat het goed was.", dit EERSTE HANDS ZIEN. de dichtende ZIET dat God zag dat het goed was...tweede hands; de dichtende spreekt uit wat God uitsprak op ONS gelijkend...tweede hands. het dichterlijk zien en zeggen hebben plaats ongehinderd door, onbevreesd voor en onbevangen tegenover het tweede hands. in simplicitate cordis.
het dichtwerk van den dichtenden dichterlijken begint in den beginne. dààr waar zijn bestaan begint, het wonder uit en in het WONDER bóven wonder, waarover hij niet kàn niét spreken. zij het dan ook tweede hands. maar tweede hands is op de wijze van den mens eerste hands, zij het mit einer kleinen Hand. het is genoeg. hoe Gods geheimenis hem ook geweldig overweldigt, hij weet altijd en overal helemaal wat te doen: geduldig, gehoorzaam volgzaam te spreken: "Er weze licht.". en zou er dàn geen licht zijn?
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
