|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
het verhaal van jezus en de "handelaars" in den tempel (Joh. 2/13-22) is een life verhaal. het staat tussen de bruiloft te kana en Zijn gesprek met nicodemus en de samaritaanse bij den waterput. uiteraard is het TEKEN van openbaring: wie Hij is en wie de Vader en de Geest zijn. het is naar buiten spectaculair, kerk- en maatschappij kritiek, en uit dér aard kan het bij den modernen mens gemakkelijk inslaan. op gevaar af den persoon jezus te vertekenen tot een "revolutionair", een "progressist". naar binnen is het echter een TEKEN.
1) de geldwisselaars, de verkopers van runderen, schapen en duiven (voor elk wat wils) zijn van àlle tijden. scrupules kennen zij niet. het doel wettigt de middelen en zó wordt zelfs Jahweh-God een middel. de "tempel" wordt een plaats waar winstgevend "verhandeld" kan worden; Jahweh wordt een bron van winst, wordt neer gehaald tot den platten grond. het is een gebeuren dat johannes, den "donderzoon", den "door ijver voor het huis van Jahweh verteerden", moet liggen. en toch tilt hij het onmiddellijk van den platten grond OP naar de verheven hoogte van jezus' werkelijke zending en persoon.
2) jezus schroomt niet verbolgen te worden en harde middelen te
gebruiken:
"Hij maakte een zweep van koorden en dreef
allen met schapen en runderen de tempel uit
en smeet het geld der wisselaars op
de grond en de tafels omver.".
hoe weinig diplomatisch was dat, hoe schadelijk voor Zijn imago, Zijn populariteit, hoe gevaarlijk "subversief" tegen de "joden" (johannes kan ze gewoon niet verdragen omdat zij tegen jezus waren en niet in Hem wilden geloven). maar jezus beweegt Zich 10 meter bóven den platten grond, bóven de "straat".
3) johannes laat dan de verkopers en wisselaars links liggen en legt het accent op de "joden", de mensen van den TEMPEL. zijn vragen een geloofsbrief, een "Schein", een teken "om zó te mogen optreden". daarna zitten wij midden in datgene waarvan johannes wil getuigen: de tekens. kana was een TEKEN; nicodemus krijgt een "TEKEN", en zó de smaritaanse. jezus is zelf het TEKEN.
Hij weet wel goed dat hoeveel "tekens" Hij ook geeft, dat nutteloos blijft voor wie niet gelooft. Hij kende allen. johannes wijst daar op in de volgende verzen 23-24. Hij kende de "joden" en wist dat zij vastgeroest zaten in het wettische en meer om het eigen hachje bekommerd waren dan om het Rijk Gods. zij zijn het beeld van wat elken mens bedreigt: het egocentrisme, de navelkijk die den kijk op god onmogelijk maakt. daarom zagen zij het TEKEN niet dat jezus zelf was en vroegen naar wat in hun ogen het teken zou zijn. als zij mozes en de profeten nog niet, resp. niet meer verstonden, hoe zouden zij dan jezus -die de lat nog hoger legt, de lijn nog strakker spant- hebben kunnen begrijpen en in Hem geloven.
nu klampen zij zich vast aan den tempel, waarvan eigenlijk nu reeds "geen steen op een steen gebleven is". een ont tempelde tempel, een "rovershol" ("Maakt het huis van Mijn Vader niet tot een rovershol."). zij werden door jezus onrechtstreeks in hun vel genepen, en dàt konden zij niet verkroppen. zij zouden Hem met een beroep op Jahweh, de vraag naar een teken, ombrengen.
4) en tóch geeft jezus hun een TEKEN: Zijn verrijzenis. zó diep is johannes in het wezen van jezus doorgedrongen, dat hij dàt heeft gezien. jezus staat of valt met Zijn verrijzenis. ook paulus accentueert dat: "Als Christus niet verrezen is, is ons geloof ijdel." het TEKEN bij uitstek is jezus' verrijzenis: "In drie dagen zal Ik hem weer opbouwen.". is dit een hermetische, een sybillijnse taal?
- de joden nemen de woorden letterlijk en meteen staan zij
voor altijd in hun hemd. zij menen inteligent en clever te zijn, maar bewijzen onweerlegbaar hoe beperkt hun blik, hoe
dom hun vooroordelen en hoe gesloten hun hart was. nicodemus (de "leraar van Israël") en de samaritaanse (als "samaritaan" begrijpelijk) hadden ook daar van een staaltje gegeven. zij grijpen er naast omdat zij niet echt geloven.
- johannes zegt gewoon, eenvoudig: "Maar Hij sprak over de tempel van Zijn lichaam.", en hoe "de leerlingen" van jezus
zich dat herinnerden "toen Hij van de doden verrezen was".
want zij geloofden.
5) "Zij geloofden in de Schrift en in het
woord dat Jezus gesproken had.".
zij kregen een TEKEN: jezus zelf. en zij geloofden. zij ZAGEN de zending van jezus: "De ijver voor Uw huis zal Mij verteren.". meteen liggen oud en nieuw op één lijn.
geloven gebeurt niet op grond van wonder lijke tekens, maar op grond van gods genade werkzaam werkend in een eenvoudig hart. niet de tekens doen geloven, maar geloven doet de tekens als TEKENS ZIEN. geloven doet jezus ZIEN als het TEKEN van den Vader. het hoeft dus niet te verwonderen dat de ijver voor het HUIS van den Vader Hem verteert; dat Hij de WET komt VOLTOOIEN. en dien ijver heeft johannes meegekregen: den ijver voor de Kerk van Christus, het "Huis van de Heer".
in zijn tweede brief staat het helder en krachtig:
- Wat van de aanvang was,...het Woord des Levens,...
het Leven,
- hebben wij gehoord, gezien, getast,
- en dàt verkondigen wij u; wij schrijven het (sine glossa)
- opdat onze vreugde volkomen mag worden.
paulus noemt dit: trouw aan het fundament van Gods bouwwerk.
"Maar iedereen moet toezien dat hij daar op
bouwt. Want niemand mag een ander fundament
plaatsen dan wat gelegd is: en dat is
Jezus Christus."(1 Kor. 3/10-11).
het Huis van God, Gods TEMPEL, is de GEEST. de geest van den GEEST maakt stenen tot Huis van God en een mens tot Zijn tempel. het op nieuw geboren worden uit water en GEEST. dat wil zeggen: het GELOVEN. de zending van jezus -en van johannes en paulus- is: getuigen van het WOORD des Levens opdat gij moogt geloven in het TEKEN dat jezus is. zonder tegenspraak.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
