|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
"Ik Jahweh uw God, Ik ben...
een God die goedheid bewijst tot aan
het duizendste geslacht."(Ex. 20/5-6).
woorden van eeuwig leven verwijzen naar de waarheid van de werkelijkheid van god: Die uit en in Zichzelf goed is; Die uit dér aard schept wat "goed" is en dit door tekens bewijst; Die uit dér aard in de ogen van "die Mij liefhebben en Mijn geboden onderhouden", goed is uit en in Zijn Verbond. de zuivere van hart ZIET god in de tekens die Zijn goedheid bewijzen; gelooft in God de Vader Schepper van hemel en aarde; in den Zoon, het ons gegeven WOORD van het Verbond; in de Heilige heiligende GEEST.
woorden van eeuwig leven zijn woorden van geloof, hoop en liefde. ónze woorden zijn alleen dan woorden van eeuwig leven als zij -onbewust, onderbewust of bewust, 10 meter bóven den platten grond, go(u)korrellijk- de articulatie zijn van geloof, hoop op en liefde tot den Vader, Zijn Zoon en Hun Geest. vergelijk: de platte grond geeft kikvorsperspectief; 10 meter er bóven geeft een luchtfoto.
uit het verhelderend, indringend commentaar van h. de coninck: "Zij (de dichters) kleuren de realiteit tot poëzie, zij staan tegenover de dingen met de verbazing en verwondering van het kind. Zij benoemen "dit land" met de bezwerende kracht van een toverformule en het zal hem volgen. De dichter is immers een rattenvanger van Hamelen."
een kleine correctie volstaat, een lichtglans van den GEEST op den geest van den mens. het her inneren van den GEEST verŕndert de zélfde woorden in ŕndere woorden: in woorden van eeuwig leven.
- kleuren wordt: het wonder van den regenboog van het Verbond over de aarde; de dingen worden tekens van de Schepping en het Verbond; poëzie is de glans van het schitteren als de zon en wit zijn als sneeuw der dingen; de dag wordt uit dér aard "een dag als geen ander"; de achtste dag draagt den rijkdom van de eerste zeven dagen in zich;
- de verbazing en de verwondering worden OPgetild tot verbazing over en verwondering om "Ik zal er zijn voor u.": de intens aandachtige aanwezige menslievendheid van den Schepper voor Zijn schepping, Zijn trouw uit en in Zijn gegeven WOORD: "Ik zal u niet als wezen achterlaten."; een dag als geen ander is het bewijs van Zijn goedheid en van de "goed" heid van ónze dagen, van het ons gegeven leven. zij het uiteinde lijk.
- die toverformule loopt wel niet zo'n vaart, noch dit bezweren. dichten zou wel eens iets ŕnders kunnen zijn dan een benoemen van "dit land" met de bezwerende kracht van een toverformule. dichten is de GEEST uit den hemel op aarde laten neerdalen. de dichtende tovert niet; hij articuleert, VORMT, boetseert of beeldhouwt zijn visioen van het neerdalen van de GEEST door een scheur in den hemel. hij articuleert her innering. en uit dér aard ligt het initiatief bij den GEEST, Die -wel is waar- waait waar Hij het wil. de dichtende dichterlijke "hemelt" "de aarde" ("dit land") op. "de aarde" is de moeite waard om er van te houden terwille van "den hemel" erover, erop.
- en ook dit "het zal hem volgen" loopt niet zo'n vaart. de waarheid van den dichtenden dichterlijken is: dat hij het land volgt. hij wijkt niet uit, maar in. hij komt -nieuwsgierig- voetje voot voetje dichter bij het brandend braambos. dichten is in stemmen met de STEM uit het brandend braambos, den dag als geen ander.
de GEEST van god is de -mens vriendelijke- kleine correctie bij den mens. en die kleine correctie volstaat om hem "groot" te maken.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
