|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
1. Het WOORD van GOD den VADER spreekt "HEMELS" tot de mensen op aarde. "Ga, uw geloof heeft u gered."(Marc. 10/52). HIJ "spreekt", en het is; wat HIJ "zegt" is werkelijkheid, WAARHEID, geen schim, geen "spook", geen flatus vocis.
bartimeüs is geen "spook", maar werkelijkheid: de kwetsbare gekwetste mens; de mens die op "redding" is aangewezen, die -if he is lucky- dat weet en, caring, gered wil worden (luid begint te roepen, nog luider roept, de mantel afwerpt, overeind springt en naar jezus toegaat), die gelooft.
hiér vloeien "HEMEL" (het genezend, op nieuw scheppend WOORD) en "aarde" (een blinde) geheime lijk wonder lijk samen en gebeurt er heil. hiér, en zó, wordt geschiedenis, van gedaante verànderd, HEILsgeschiedenis. en wel op grond van geloof. hiér, en zó, wast "de aarde", "stof van de aarde genomen", op aarde VOL. een alternatief is er niet.
het WOORD is door mensen ("stof") uit dit proces van genezing, heiling, VOL wassen, niet weg te denken (redeneren), voelen (gevoeligheden van het tijdje), fantaseren (science fiction), schreeuwen, spotten, honen. het is het WOORD van GOD den VADER SCHEPPER, Die in den hemel is, en uit dér aard GODS GEHEIM in den hemel en het geheim van den gelovenden mens op aarde.
2. de taal van het WOORD is geloofstaal. dit is: wezen lijk ànders, méér dan de taal van het "stof". wezen lijk GEEST lijk. met alle gevolgen van DIEN. johannes "toont" dit onuitwisbaar FEIT op "schitterende" wijze in 6/59-71.
2.1. "Zo sprak Hij bij Zijn onderrichting in
de synagoge van Kafarnaüm."(59).
zó. ànders dan, "in gelijkenissen" waarin in het zélfde woord (brood, vlees) uit Zijn mond naar een àndere werkelijkheid verwezen wordt, een àndere waarheid oplicht dan in den mond (en het verstaan) van Zijn toehoorders. name lijk: een "HEMELSE" werkelijkheid en waarheid, een vonk van het GEHEIM van GOD. VOL leven resulteert uit "Mijn vlees, dit brood eten", niet uit eten "van brood alleen"; VOL leven is door het eten van ("vlees en bloed" van) het WOORD opgeHEMELd worden.
zó IS de wijze van "elk woord dat komt uit de mond van God " een wijze die uit haar aard rijker, groter, méér is dan de wijze van het woord dat komt uit den mond (en het verstaan) van mensen. zó spreken doet een beroep op het verstaan van "de gelijkenis", een verstaan dat in geloven GRONDt. het WOORD wordt alleen verstaan uit en in geloven, door "die blijven".
het is verdubbeld ondubbelzinnig. dit is: laat "in een gelijkenis-uit-gelijkenis", in een "beeld", de letter (brood) en den GEEST (het brood dat Ik u zal geven, "Mijn vlees") symbolisch samenvloeien. met als gevolg van Dien: dat het, meer dan letter lijk, GEEST lijk moet "gelezen" worden. wat geloof vereist. en precies dàt wil johannes ons (zó als trouwens marcus en lucas en mattheüs) in zijn evangelie op het hart drukken.
"Het is de geest, die leven brengt;
het vlees brengt niets daartoe bij.
De woorden die Ik tot u sprak,
zijn geest en leven."(6/63).
2.2. het WOORD van GOD moet gelovend beluisterd en gelezen worden, wil men HEM in Zijn VOLHEID verstaan. voor die het "stof" lijk lezen, "is het hard". zij "kunnen er niet naar luisteren"(60), het ergert hen (61). zij (ver)wijten het aan jezus, aan Zijn vreemd (ànders) handelen en spreken. gaan zelfs zó ver te beweren dat Hij "een duivel in heeft", dat Hij "God lastert", dat Hij "een bedrieger is".
zij "trekken zich terug", "blijven niet langer bij Hem." (66). dàt is het drama van het mis verstand, dat het geheim van on verstand en on geloof is. zij zweren bij de letter, weigeren het inspireren, het her inneren van den GEEST, en blijven als "stof van de aarde genomen", als on beADEMd, met voeten en handen en hart en kop op den platten grond.
2.3. de twaalf (onder wie johannes) bleven.
"Wij geloven en weten:
Gij zijt de Heilige Gods.(6/69).
uit en in geloven "weten" zij. dit is: hebben zij (voorlopig genoeg) "verstaan":
"Gij alleen hebt woorden van eeuwig leven."(68).
en uit dér aard "weten" zij dat er voor hen niemand anders is om naar te gaan; blijven zij bij HEM. blijven, blijven blijven, is het geheim van die in het WOORD geloven. een geheim, dat BEGIN én UITEINDE lijk naar het WOORD ("Ik heb u uitverkoren."/70) het GEHEIM van het WOORD is, van "den HEMEL" op aarde. een mens màg -hoe dan ook- kunnen geloven, én if he cares he will be lucky, zal hij kùnnen mogen geloven.
in die geloven vloeien de genade (gave van den Heiligen GEEST) en de respons (het caring van den mens) geheime lijk wonder lijk samen tot een on verdeelde éénheid van "HEMEL" en "aarde", waaruit en waarin "de aarde" met "den HEMEL" verrijkt, verméérd is. een gelovende is een -zij het in het verborgene- wezen lijk verméérde, opgetilde, hiér en nù al voorlopig ten hemel opgenomene, een met het hart bij het WOORD zijnde en blijvende.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
