|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
zó doende, ZIET hij de on verdeelde éénheid van "HEMEL" en "aarde", GODS "de aarde" SCHEPPENDE, VERLOSSENDE en VOLTOOIENDE aanwezigheid op aarde in, onder, met en voor ons. hij ZIET in de dingen der schepping SCHEPPING, in hun bevrijding VERLOSSING, in hun VOL wassen VOLTOOIING, in hun waarheid WAARHEID, in hun leven LEVEN, in hun weg zijn WEG zijn. hij ZIET de TEKENS van den SCHEPPER, den VERLOSSER en den VOLTOOIER in de dingen; dàt en hoe ZIJ de VOLheid der dingen uit en in Zijn VOLHEID "tonen" en als een geheim, een wonder op aarde van het GEHEIM en het WONDER in den hemel, bevestigen. met als gevolg van Dien: dat hij er on verdeeld, samengeworpen, verzameld, VOL is.
"...een blomme
en bloeie vóór uw aangezicht...";
"riet ten tande die
het zacht tot suiker bijt;";
"een met de wijnstok verbonden rank";
"een mosterdzaadje...".
uit dér aard spreekt de gelovende in beelden; zó als het WOORD "in gelijkenissen-uit-gelijkenis". in zijn woord is de letter niet alleen begeest, maar ook beGEEST. het "schittert" geheime lijk wonder lijk, in het verborgene, van her innering door den Heiligen GEEST van "al wat Ik u heb gezegd" in het eerste en tweede BOEK. de gelovende is uit zijn aard, gewoon natuur lijk, een dichtende dichterlijke. zijn woord "toont" de TEKENS der SCHEPPING, VERLOSSING, VOLTOOIING er in, straalt ZE uit. en uit dér aard is het geloofstaal, VOL van geloofsgeheim; neemt het -als SCHAT in een aarden kruik- deel aan het depositum fidei. met als gevolg van Dien: dat het zich alleen prijsgeeft aan die geloven; alleen voor die geloven in zijn VOLheid open gaat. gedicht uit en in her inering, moet het -zó als de psalmen- gebeden en gezongen worden.
4. die dichtte: "Es waltet ein Gott in uns.", dichtte: "Was bleibet aber stiften die Dichter.". of hölderlin ja dan neen de diepte van die woorden ten VOLLE besefte, doet niet ter zake. ter zake is: die gelooft, weet en beseft ("smaakt") -zij het met een kleine correctie- de WAARHEID van deze woorden. dit is: dàt en hoe de Heilige GEEST in den gelovenden dichten sticht, én dat dit dichten blijft, blijft blijven: omdat het geheim van dit dichten deelheeft en -neemt aan GODS GEHEIM; omdat dit dichten vorm geving aan het schouwen is, aan contemplatie: een ZIEN van het samenvloeien, -hangen, -lopen en -werken van "HEMEL" en "aarde" op aarde.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
