Aantekeningen van Ernest Bornauw
"uit God geboren", met UITZICHT op in GOD terugtekeren


begin boeken levensverloop contacteren

Spätlese 1 : 22/11/2001 - 18/8/2002

<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>

9-1-02  Uitvinden en (Onder)vinden

            1. Uitvinden; inventer; to invent: er is iets pretentieus in die woorden. zij suggeren dat de "uitvinder" het allemaal zelf voor mekaar brengt; dat er niets vóór was en hij dus zijn "uitvinding" als het ware uit het niets te voorschijn tovert. alsof hij schept "uit het niets".

            en toch was er iets. niet alleen het materiaal waarmee hij werkt en waaraan hij een anderen "vorm" en bestemming geeft, maar ook het werk van zoveel mensenhanden vóór hem. zijn uit vinden is veeleer een "vinden" van wat hem -geheime lijk wonder lijk, in het verborgene, in de schepping ingeschapen- al lang vóór de voeten aan de voeten was gelegd én aan zijn handen toevertrouwd. zó dat de vraag: "Hoe nieuw is een uitvinding?" niet alleen kan gesteld worden, maar ook verantwoord is. een "uitvinding" is een schakel in een lange, lange ketting en ziet er maar nieuw uit omdat zij een nieuwe schakel is.

 

            2. het woord ontdekking is zuiver van pretentie. het wijst op ont dekken, wat -in de dingen geborgen- verborgen was, te voorschijn brengen op de wijze van den sluier wegnemen, als een in den grond verborgen schat uit den grond opdelven (dig).

            de schepping is als een onverpoosd onverdroten water opborrelende bron die de "vaten" waarin het opgevangen wordt, onverpoosd onverdroten over vloedig doet over vloeien. er is uit der aard veel, veel meer dan het de mensen gegeven is optedelven. niet uit te vinden, maar optedelven, te ont dekken wat er al lang is. met het gevolg dat de aan de mensen van in den beginne gegeven opdracht "de tuin bewarend te bewerken" geen sadistische kwelling is, maar een beminnelijk mensvriendelijke uitnodiging van den Schepper aan de mensen gericht "hun best te doen". die de mensen gegeven opdracht is geen concurrentie met GOD. de vervulling ervan kan door de mensen niet beschouwd worden als een alibi om GOD opzij te zetten, maar is wezen lijk bedoeld als niet alleen een aansporing "de aarde bewoonbaar te maken" door het verdubbelen van de (hun) gegeven talenten, maar ook als het geven aan GOD wat aan GOD toekomt door Hem als Schepper van het hun gul en overvloedig, bijna verkwistend, gegeven materiaal te her- en erkennen en Hem ervoor dankbaar te zijn.

            de geest van ontdekken is een spiritualiteit: het bewust verdubbelen door den mens van de hem gul en overvloedig gegeven talenten om het resultaat ervan -als een onnutte knecht- aan GOD terugtegeven. zij is de spiritualiteit van: enerzijds gehoorzame volgzaamheid uit en in her innering door den Heiligen GEEST van "al wat Ik u heb gezegd"; en anderzijds deemoed, dienstbaarheid "in dienst van de mensen", die GOD de eer die Hem toekomt vrij en vrolijk en te vreden toekent. zij "vervult" den mens van den "goeden" geest, die van den Heiligen GEEST is, tilt hem op aarde op de hoogte van 10 meter bóven den platten grond. haar pretentie is de pretentie van GOD, den VADER SCHEPPER, Die den mens heeft geschapen op ONS gelijkend om op ONS gelijkend te scheppen, dit is: te ont dekken wat in de dingen der Schepping als voor de mensen beschikbaar verborgen geborgen ligt.

 

            3. vinden wat er -vooraf, en uit der aard u gegeven- is. wat u toevallend op u toekomt. dàt is voor who care and are lucky, voor die intens aandachtig op aarde aanwezig zijn, ondervinden.

            ondervinden is -soms tot zijn scha en schande, maar altijd uiteindelijk tot "lering"- reëel, uit en in ervaring aan den lijve, kennen. een op de wijze van groeiende, vergrotende en verrijkende reëel verworven, blijvend blijvende en uit der aard on ontvreemdbare "kennis" van de werkelijkheid van het bestaan. ondervinding bedriegt niet, bedot niet, ver- en misleidt niet, maar laat de waarheid van de werkelijkheid zó als zij OORSPRONG en UITEINDE lijk is, verschijnen. zij is een kostbaar geschenk van Die de mensen "ter wereld brengt" voor die mensen op aarde. zij leert hen leven op de wijze van VOL wassen. zij is de hoogste en diepste, langste en breedste, de gewoon natuur lijke vorm van leren. van rijp worden voor den oogst op de wijze van den graankorrel: kiemen, eerst halm, daarna aar, en daarna aar vol rijp graan voor den oogst worden. zij is een SCHAT in een aarden pot. een gave van den Heiligen GEEST, den VOLTOOIER van al wat op aarde leeft.

 

            4.         "Bejaarden vinden niet veel uit, maar

                        zij hebben wel veel ondervonden."(g. danneels).

            die schermen met "uitvinden", hebben geen boodschap aan zogezegd "uitgebluste" bejaarden. die worden hiér in dit tijdje nù op een zijspoor gezet en liefst terwille van hun "onnut" en van de "kosten" die zij "de gemeenschap" opdringen, gelikwideerd op de wijze van een "humaan, mens waardig sterven". zij worden (waarbij men het woord ver ast vermijdt) ver bloemd "gecremeerd" en op de strooiweide "uitgestrooid".

            maar, en tóch, en zie: "zij hebben wel veel ondervonden". zij hebben daartoe den nodigen tijd gehad. hun ondervinding bewaren zij in het hart, dat er vol van is en alsmaar wil over vloeien in een wereld die van dien in den aarden pot verborgen, maar niet verloren, SCHAT geen weet heeft.

            uit en in vele jaren van intens aandachtige aanwezigheid onder ons be jaarden zijn en blijven voor de wereld een SCHAT. en het is "goed" dat niet te "vergeten" en hun aanschouwelijk en uit den GROND van het hart te tonen dat men het niet vergeten is. en blijkt "de jeugd", blijken -wat de feiten hemeltergend bewijzen- de uitvinders van beroep er tóch geen acht op te slaan, het is "goed" dat de bejaarden zichzelf SAMEN zichzelf met de middelen waarover zij beschikken behelpend, hun spiritualiteit van deemoed en dienstbaarheid, overeind houden en tegen den tegenwind van een atheïstisch zogezegd vrij gemetseld humanisme in blijven geloven in de waarde van hùn bijdrage aan den opbouw van een reële gemeenschap, waarin er niet alleen plaats is voor "de jeugd", maar ook voor de kwetsbare allerjongsten (in den moederschoot en daarbuiten) en voor de gekwetste alleroudsten (liefst in het door hen zelf gebouwd huis).

 

            5. het pleidooi voor de bejaarden be tekent den "goeden" geest, die van den Heiligen GEEST, en gaat frontaal in tegen den "bozen", die van "den bozen geest" is. want de kern van de zaak is uiteinde lijk de tegenstelling tussen het met hoop en liefde verrijkt geloof aan en in GOD den VADER SCHEPPER, GOD den ZOON VERLOSSER en GOD den Heiligen GEEST VOLTOOIER van al dat leeft, en het berooid, langs den weg overvallen, uitgeschud en halfdood achtergelaten on geloof. de tegensteling tussen die, tot het bevorderen van de cultuur van het leven verrezen, HOREN, ZIEN en TASTEN, en de ten dode opgeschreven de cultuur van den dood uitdragende doofstommen, blinden en verlamden.


<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>


begin boeken levensverloop contacteren

Ernest Bornauw /Provijnsstraat 2 /3020 Herent /België
Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.
Als gebruiker mag u het werk kopiëren, verspreiden, tonen en op- en uitvoeren onder de volgende voorwaarden:
• Naamsvermelding. De gebruiker dient bij het werk de door de maker of de licentiegever aangegeven naam te vermelden.
• Niet-commercieel. De gebruiker mag het werk niet voor commerciële doeleinden gebruiken.
• Geen Afgeleide werken. De gebruiker mag het werk niet bewerken.
• Bij hergebruik of verspreiding dient de gebruiker de licentievoorwaarden van dit werk kenbaar te maken aan derden.
• De gebruiker mag uitsluitend afstand doen van een of meerdere van deze voorwaarden met voorafgaande toestemming van de rechthebbende.
Het voorgaande laat de wettelijke beperkingen op de intellectuele eigendomsrechten onverlet.
Bewerkt voor internet door Bart De Wolf
desheerens.com is online sinds januari 2005