|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
. "...geschreven met mijn beste vulpen, ooit
het geschenk van een paar vrienden.".
Hiér springt het beeld al voorbij en bóven de letter uit: een VOLLE pen, die de brief met woorden uit het hart gegrepen en uit dér aard met dichterlijkheid vult. Het is het geheim dat -"veilig opgeborgen in mijn pen"- verborgen geborgen ligt in "Allerbeste" (Simonne en Jan) en "Nest"; het geheim van dat zo zeldzame en uit der aard zo kostbare "Ik maak er echt mijn werk van,...aan de anderen te geven waar zij recht op hebben.".
2. Het is de diepere zin van het "weer helemaal in de plooi...", want "opgestuurd", of "onderweg", of "veilig opgeborgen". "in de plooi" suggereert: de zorg (engels: care) uit bezorgdheid; verlangen naar volmaaktheid -al blijft die naar ónze wijze op ónze wijze tóch al de tijd on volmaakt-; de rust uit gerustheid terwille van het vertrouwen in den zegen van en het bewaren door de Heer.
En dàt en hoé de uit zijn aard frisse, verse, veelbelovende ("De morgenstond heeft goud in de mond.") nieuwejaarsmorgen te 8u41 het poëtische in petto heeft. Dit is: de "letter" vér overstijgt en het beeld in al zijn glorie laat verschijnen.
- De vuile vaat van het verleden gaat -met een knipoog naar wat de reklamefolder beloofde- weer "blinken", wat voor al die dingen het nec plus ultra is.
- De zon -trouw aan de verse scheurkalender om die, vriendelijk, niet te beschamen- is weer op tijd opgegaan, wat een heel geruststellende zaak betekent voor de volgende 364 dagen. Want wat zouden wij zijn zonder de zon? Zij laat ons, ook al stelt zij soms ons geduld op de proef, nooit in de steek, omdat zij weet "(dat er) Niets schoners onder de zon (is), dan onder de zon te zijn." (Nichts schöneres unter der Sonne als unter der Sonne zu sein./I. Bachmann).
- En dan de sneeuw. Die "van gisteren, die moeiteloos 2002 haalt", zij het in dit ons tijdje terwille van al die "mensen onderweg" op de vele wegen niet voor al te lang. Maar tóch, vreemd genoeg en geheimelijk wonderlijk, altijd even boeiend alsof hij ons wil aanmanen het poëtische van het kind toch maar te bewaren.
- Wat ook de meesjes doen. Zijn zij, en niet alleen terwille van de meesbollen, mensvriendelijk niet graag bij de meesvriendelijke mensen? bij de dichterlijken, die graag "voor 't minste groen een stapken willen ommedoen."(Gezelle)? In slow motion, als het ware een prachtig model voor de onthaasting waaraan de mensen van nu blijkbaar zo dringend beginnen nood te hebben.
- Wat een verschil tussen portemonnee en hart: de ene leeg, het andere vol. Vol doordat er door die "leegte" plaats gemaakt is voor de "volheid". Een kwestie van waarden, van evenwicht.
3. De morgenstond heeft -en dat blijkt hiér duidelijk- goud in de mond. Al is het nog schemerdonker, tóch gaat er hiér terwille van de genegenheid over de witte sneeuw een licht op "schitterend als de zon". En is dàt niet het mooiste Nieuwjaarsgeschenk, één van die dingen die echt belangrijk zijn en waarop de anderen terecht recht hebben? De morgen is en blijft niet alleen het ons gegeven teken ervan dàt dit schenken kàn, maar is en blijft ook door zijn frisse nieuwheid een aanmoediging om het vrij, vrolijk en te vreden te doen.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
