|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
1.1. De mens heeft een stem "apparaat", dat georganiseerde en ritmisch golvende klanken "produceert". hij kan spreken in een geestelijke boodschap uitende, communicatie bewerkende woorden en zinnen. dit kunnen spreken maakt hem mede tot een persoon, een begeest lichaam, en onderscheidt hem uit dér aard grondig, fundamenteel wezen lijk van alle andere schepselen binnen, op en boven de aarde. spreken, de stem, behoort geheime lijk wonder lijk mede tot het geheim mens én het geheim van elken mens.
1.2. want de stem van elken mens is eigen, persoon lijk, en uit der aard uniek. dit houdt in dat de klank en het ritme van elken mens anders zijn dan die van de andere mensen. met als gevolg van dien: dat men, na enge vertrouwdheid met de stem, een mens -zó als aan de bewegingen van zijn lichaam- aan zijn stem kan herkennen en kennen. een mens spreekt woorden en zinnen uitend op een hem eigen, unieke wijze. de klanken "verraden" hem. men "herkent hem als men zijn stem kent, aan zijn stem".
2. maar er is meer. de (fysisch) gesproken woorden en zinnen hebben een geestelijken inhoud. zij betekenen iets en zeggen iets. die spreekt, heeft iets te zeggen op de wijze van "roepen en spreken tot", iets zeggen, iets communiceren.
ook dit "iets zeggen" gebeurt op een eigen, unieke wijze. elke mens heeft zijn "stijl": zijn hem eigen onverdeeld samen werkende vorm en inhoud. waaraan hij te herkennen en te kennen is. dit feit bevestigt het geheim van de "stem", behoort mede tot het wonder van het geheim mens en moet als een kostbaar geschenk gewaardeerd worden.
3. de schrijvers van de Schrift laten Jahweh, Mijn en uw Vader, Die in de hemel is, spreken, geven Hem een stem om met de mensen te communceren.
1) "Maar Jahweh God riep de mens en sprak
tot hem: Waar zijt gij?"(Gen. 3/9).
GOD heeft de mensen niet alleen "ter wereld gebracht", maar blijft aanwezig op de wijze van enerzijds "in de koelte van de middag in de tuin wandelen" zó dat Hij weet wat er gebeurt, en anderzijds van "de mens -die, zich van die aanwezigheid bewust, in casu "zich tussen de bomen van de tuin verbergt- roepen en tot hem spreken". adam en eva kenden die stem van toen Jahweh "tot hen sprak: Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt u...(Gen. 2./28-30) en hun een gebod had gegeven ("Van alle bomen..."/2/16).
dit is geen "fictie", zij het dat het spreken van Jahweh God als het spreken van de mensen wordt ver beeld. het geheim van dit "gesprek" is het geheim van den geest, dat groter is dan het geheim van de letter.
2) "Toen Jahweh zag dat hij dichterbij kwam
om scherper toetezien, riep God hem midden
uit het braambos toe: Mozes, Mozes! Hij
antwoordde: Hier ben ik!..."(Ex. 3/4+4/17).
een lang gesprek in de stilte en de "afzondering" ver de woestijn in. zó communiceert Jahweh God doorheen het eerste BOEK met de profeten op de wijze van het "leren en in herinnering brengen door de Heilige GEEST van al wat IK u heb gezegd"; de wijze van "de stem die uit het brandend braambos opklinkt". dat Jawheh God telkens het initiatief neemt, bevestigt de verbondenheid-uit-Verbond tussen Jahweh en den mens.
3) "En zie, een stem uit de hemel sprak:
Deze is Mijn welbeminde Zoon, in Wie
Ik Mijn welbehagen heb."(Mat. 3/17).
het VISIOEN van het eerste BOEK wordt in het tweede doorgetrokken. de stem van GOD ("Mijn en uw Vader, Die in de hemel is") fundeert hiér het WOORD, Dat hiér en nù "mens wordt". dit is: voortaan krijgt de stem van Jahweh den vorm van de door de mensen mens lijk te horen stem van het WOORD: jezus van nazareth de CHRISTUS, GOD den ZOON.
4. jezus sprak. dit is: Hij riep (leerlingen, zieken, Zijn schapen), en leerde ("Maar Ik zeg u..."). "met gezag", schrijft marcus. johannes noemt Hem het WOORD, en lucas noemt de twaalf "bedienaars van het Woord". men noemt Hem rabbi. Hij gaat zitten en spreekt. er is iets "plechtigs" aan wat Hij zegt en hoe Hij het met heel eigen accent en stijl doet, en johannes geeft als het ware een samenvatting ervan in hoofdstukken 14 tot 17. Zijn "stem" is meer dan merkwaardig uniek, en het hoeft ons dus niet te verwonderen dat "de wachter (zijn stem herkennend) opendoet en de schapen naar zijn stem luisteren".
"De wachter doet hem open en de schapen
luisteren naar zijn stem.".
het WOORD is "stem" bij uitstek. onmiskenbaar herkenbaar en uniek. als jezus in Zijn parabel van den "goeden" herder het beeld van den -ook aan het eerste BOEK voor een herdersvolk gewoon natuur lijk zo eigen- herder naar voor brengt, voert Hij de toehoorders meteen naar de kern:
"Hij roept zijn eigen schapen bij hun
naam en voert ze naar buiten. En als hij
al zijn schapen heeft uitgedreven, gaat
hij voor hen uit; en de schapen volgen hem,
want zij kennen zijn stem.".(Joh. 10/3-4).
hiér is er méér, meer dan de aan alle mensen eigen eigen stem. jezus' stem is de "stem" van GOD, Die in den hemel is, op de wijze van de stem van mensen, die op aarde zijn. het is het geheim van het WOORD, waarvan Hij zelf een tip oplicht waar Hij zegt: "Ik en de Vader zijn één.". de VADER heeft Zijn spreken beminnelijk menslievend den vorm gegeven van het spreken naar de wijze op de wijze der mensen in Zijn mensgeworden "welbeminde" ZOON. met als gevolg van DIEN: dat die "aards" al gezaghebbende stem met het gezag van "den HEMEL" tot "woorden van eeuwig leven" sprekend verrijkt, vergroot, verméérd is.
"Naar wie anders zouden wij gaan?".
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
