|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
1. GOD IS de hemel. de hemel is GOD. met al de door de mensen in hun ervaren, denken over, verbeelden van en in hun taalgebruik gereflecteerde aan het woord hemel verbonden connotaties van: heerljk ("Het was hemels."), zalig ("Het is daar een hemel op aarde."), in geluk of in on geluk alles overtreffend ("Hij was in de hoogste hemel."; "Het was hemeltergend."). zoals blijkt uit een gospelsong was het voor de negerslaven in amerika een grote "droom" schoenen te kunnen dragen, en zij drukten dat uit door te zingen: "In de hemel zal ik schoenen hebben!".
GOD is -in ZICHZELF en "naar buiten", in en voor Zijn Schepping, VOLHEID van liefde, en uit dér aard VOLHEID van geluk. in den hemel zijn is voor de mensen hiér-en-nù-namaals deelhebben aan die VOLHEID van liefde en geluk. en dàt is voorstelbaar uit en in ónze soms ervaren momenten van geluk-uit-liefde, VOLheid van vrijheid, vreugde en vrede. van bóven den platten grond OPgeheven zijn.
2. de taal situeert als weerspiegeling van een gevoel, een gedacht, een voorstelling van de verbeelding, den hemel in de hoogte, bóven den door de mensen beganen grond, bóven de wolken, in den hemel.
"Na deze woorden werd Hij vóór hun ogen
opgenomen en een wolk onttrok Hem aan
hun blik. Nog staarden zij naar de hemel
terwijl Hij opsteeg... Jezus, die uit uw
midden ten hemel is opgenomen, zal weer op
dezelfde wijze komen als gij Hem hebt zien
opstijgen ten hemel."(Ha. 1/9-11).
"Zoekt wat bóven is."(sint-paulus).
"Sursum corda!".
met als gevolg van dien: dat de enen van de in den tijd en in de ruimte gesitueerde mensen zich naar hùn wijze op hùn wijze den hemel als een (eeuwigen) tijd en een (plaats lijke) ruimte zijn gaan voorstellen, en de anderen, temeer daar geen mens den hemel ooit heeft gezien, helemaal niet in het bestaan van een hemel geloven. de schuld daarvan ligt niet aan den hemel, maar aan de beperking van de mensen op aarde. de hemel heeft niets met tijd en plaats te maken. de hemel is GOD.
uit der aard is de betekenis van "boven" niet met de "aardse" werkelijkheid gerelateerd, maar met de "HEMELSE", met GOD. GOD is wezen lijk de boven de aardse werkelijkheid verhevene; Die bóven is. opstijgen, ten hemel opgenomen worden, betekent in GOD opgenomen worden, "zijn waar Ik ben"; "zitten aan de rechterhand van de Vader". uit dér aard is de hemel een geloofsgeheim: een geheim van het GEHEIM GOD. die geloven, breken zich het hoofd niet op gevoelsmatige, rationele of gefantaseerde voorstellingen van wat en waar de hemel is. zij geloven in GOD den VADER SCHEPPER, GOD den ZOON VERLOSSER en GOD den Heiligen GEEST VOLTOOIER, Die in den hemel "de HEMEL" zijn, en meteen, geheime lijk wonder lijk, op UW woord (als informatie van bóven), in het verborgene "als vanzelf, "terstond", in den hemel.
3. ons gevoel verbazend, ons verstand verbijsterend en onze verbeelding wonder lijk boeiend is het feit dat die (schijnbaar zó hoog en zó ver) in den hemel zijn, op ONS gelijkend, deelhebbend en deelnemend aan GODS beminnelijke menslievendheid, tóch met die op aarde zijn verbonden zijn en blijven. zó als de VADER, de ZOON en de Heilige GEEST hun hemel doorbrengen met "al goed doende op aarde rond te gaan", zó brengen zij -zie het gezegde van thérèse van lisieux- hun hemel door met goed te doen op aarde. het is het geheim van "de gemeenschap van de heiligen" op aarde en in den hemel. die in VOLHEID in GODS VOLHEID zijn, delen van die VOLHEID aan die op aarde zijn uit opdat zij, gaande weg, zouden VOL wassen met UITZICHT op de VOLHEID in den hemel, de VOLHEID van gemeenschap met GOD en de mensen.
het is de diepe ZIN van het liturgisch feest van Allerheiligen en Allerzielen, waarop die op aarde zijn getuigen van hun geloof in de verbondenheid met die in den hemel zijn en die in den hemel zijn, zij het in het verborgene, hun verbondenheid met die op aarde zijn officieel en feest lijk "tonen".
er is geen enkele redelijke reden om het woord hemel "uit te spuwen"; er zijn alle mogelijke redelijke redenen om onbeschroomd, ongehinderd en ongeremd niet alleen in den hemel te geloven, maar ook bevrijd vrij, bevreugd vrolijk en bevredigd vredig over den hemel te spreken. want die, door de informatie van bóven van Die de WAARHEID, het LEVEN en de WEG IS, gedragen, tot dit inzicht gekomen zijn, staan -niettegenstaande- in het hart van de WAARHEID, midden in het LEVEN, op den juisten WEG (den "kleinen" weg van de "kleine" thérèse). met hen geschiedt dat zij, doordat zij zich vernederen, verheven worden, terwijl met die hen honen of belachelijk maken, geschiedt dat zij in hun zich verheffen vernederd worden...in den hemel.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
