|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
1.1. Groeien is een wonderlijk verschijnsel eigen aan al dat leeft. wat leeft, wast, wast normaal gestadig, ononderbroken vol. zó dat groeien een teken van leven is, een teken van "gezondheid". groeien is het geheim van blinkend, blozend leven.
eigen aan mensen is dat zij én lichaam lijk én geestelijk groeien. lichaam en geest groeien te zelfder tijd, verbonden, op elkaar inspelend en, uit en in een bewondering waardige uitwisseling elkaar beïnvloedend. het geheim van een mens is die geheim lijke wonder lijke éénheid van lichaam en geest, van "stof" en "on stof".
1.2. terwille van "stof" heeft groeien plaats binnen grenzen: binnen begin en einde. tussen "kiemen" en "verwelken", ontvangenis en dood. met het leven van al dat leeft is groeien gesitueerd op aarde, is het een wezen lijk "aards" verschijnsel. met de aarde verbonden: "van de aarde genomen" en met de aarde op de wijze van als het ware door de aarde "gevoed" plaatshebbend.
die "grenzen" behoren tot het geheim van al dat leeft in 't algemeen, tot het geheim mens in 't bijzonder. geen mens kan het feit van ontvangen en geboren worden (ter wereld komen), noch het geheim van sterven (de wereld verlaten), van komen en gaan, verklaren. noch den tijd ervan, noch de plaats. het enige dat een mens kan vaststellen is het dàt, eventueel het hoé van het feit, niet het waarom, noch het geheim der grenzen. het geheim van leven en groeien is een de mensen verbijsterend, verbazend, wonder lijk boeiend, hoor-, zicht- en tastbaar maar niet exhaustief verklaarbaar gebeuren op aarde, onder ons. een mens kan alleen, if he cares and is lucky, "zwijgend wonderen".
1.3. dit is: dichterlijk ondergaan. het geheim van groeien, van "Hoe het groeide", is ons beminnelijk menslievend te schouwen gegeven in den graankorrel die "in goede grond kiemt, eerst halm, daarna aar, en daarna aar vol rijp graan (voor de oogst) wordt.".
deze parabel, gelijkenis-uit-gelijkenis, is een hoogst poëtische, dit is waarachtige, GOD en mens waardige en waardevolle bevestiging van het geheim van groeien. de "ingrediënten" die het groeien mogelijk maken, zijn feitelijk den mens gegeven, dit is vóór de voeten aan de voeten gelegd en aan zijn handen toevertrouwd: de graankorrel (met de kiem erin), de "goede grond", de "gehoorzaamheid" van den graankorrel aan het geheime lijk wonder lijk in hem neergelegd levensprincipe, dat hem in beweging brengt, de beweging verder voedt en volgt en uiteindelijk tot een goed einde brengt, wind en weer. den mens rest alleen: meewerken op de wijze van den grond bewerken, den korrel zaaien, kiem en halm voor verstikking door onkruid behoeden, aandachtig aanwezig blijven tot de aar rijp is voor den oogst en oogsten (veilig opbergen).
het geheim van het groeien is gewaarborgd door de gewoon natuur lijke samenwerking van den SCHEPPER (Die de ingrediënten ter beschikking stelt) en den mens (die zijn opdracht den tuin te bewerken en bewaren vrij en vrolijk vervult).
hiér zitten wij in het hart van het VISIOEN van de on verdeelde éénheid van "HEMEL" en "aarde", Dat de gelijkenis ons op een unieke wijze, de wijze van de poëzie, laat schouwen. het geheim van het VISIOEN is een geloofsgeheim en overstijgt uit dér aard het waarnemen, voelen, denken over (laat staan denken), verbeelden van den mens. de gelijkenis is "geschreven" door een Gelovenden voor een gelovenden. alleen een gelovig "luisteren naar" laat haar diepe betekenis in haar VOLheid uit en in Zijn VOLHEID verschijnen. een betekenis die niet voor uitleg vatbaar is, maar uit en in geloven GEZIEN wordt.
en dat geldt niet alleen voor den graankorrel, maar ook voor alle dingen der schepping. zij zijn bóven alles poëtisch. d.w.z.: zij dragen in hun "lichaam" geheime lijk wonder lijk, in het verborgene, een "geest" lijk teken, een gelijkenis in zich en zijn uit der aard beeld van voor den mens. zij voeden den mens op, tillen hem op de wijze van uit- en inleiden OP tot de hoogte van 10 meter bóven den platten grond. zij helpen hem VOL wassen.
2. marcus laat jezus voor ons in dit verband een vreemde, een ons verbijsterende en tóch op unieke wijze verhelderende opmerking maken: "Want vanzelf brengt de aarde vruchten voort:..."
"Het gaat met het Koninkrijk Gods als met een
mens die het zaad in de aarde werpt; dan gaat
hij slapen des nachts en staat op overdag. En
het zaad ontkiemt en groeit op; zelf weet
hij niet hoe. Want vanzelf brengt de aarde
vruchten voort: eerst de halmen, dan de aar,
daarna het volle graan in de aar."(Mar. 4/26-28).
"vanzelf". dit is: zonder het direct -mee of tegen werkend- ingrijpen van den mens. de aarde is "goede grond", óók als de mens haar verwaarloost of haar verloedert. het geheim van de aarde (den "goede grond") is: dat zij werkt uit en in zichzelf; "als vanzelf"; in het verborgene; op UW woord. zij leeft, en brengt, aan haar opdacht "zich te vermenigvuldigen" gehoorzaam, leven voort. zij is niet aan haar lot overgelaten, niet alleen. haar SCHEPPER blijft aandachtig, creatief aanwezig. zij "verwildert" niet.
groeien heeft plaats binnen het geheim van dit "als vanzelf". ook in den graankorrel is dit "als vanzelf" aanwezig op de wijze van, naar zijn wijze "wetens en willens", meegaand mee gaand. de graankorrel gaat als vanzelf, dit is: gewoon natuur lijk, zonder "morren", vrij, en vrolijk, en te vreden met den levensimpuls in zijn hart mee gaand. geen weerbarstigheid, geen opstandigheid, geen dwarsliggen, geen tegendraadsheid, geen eigenwaan en eigenzinnigheid, geen "kritiek". alleen geloof in en vertrouwen op de LIEFDE, Die exploderend hemel en aarde ten leven schiep, hem inkluis.
3. zó heeft het groeien, het VOL wassen van het geloof in u plaats gehad en plaats. gij gelooft (dit is meer dan denken, is het méér van geloven) dat gij gelooft. ook dit geloven heeft zijn geheim. het is een àndere zekerheid, die de wereld (waarnemen, voelen, denken over, laat staan denken, verbeelden) niet kan geven.
3.1. er is de zaaier van de parabel, die uitgaat en het zaad in de aarde werpt...op de wijze van bijbelse en boomse geloofsoverdracht. bijbels door ouders, familie, omgeving, benediktijnen, pastoor, onderwijzers, leraars, liturgische vieringen, de SCHRIFT en die HAAR als ingewijden in woord en schrift ont hullen en ont vouwen; in FEITE de wijze van: dàt en hoé de Heilige GEEST "al wat Ik u heb gezegd u leerde en in herinnering bracht". booms: de tekens van den SCHEPPER u in de dingen van Zijn schepping beminnelijk menslievend als "tekens van leven" vóór de voeten aan de voeten gelegd en aan de handen toevertrouwd. gegeven dichterlijke tekens, die het u uit en in de u gegeven dichterlijkheid gegeven is te ZIEN.
3.2. gij gelooft dat gij "goede grond" geworden en gebleven zijt. gij kent geen "morren"; gij zijt niet weggegaan; uw geloof heeft u gered, want gij hebt, meer dan mogen zien, caring en being lucky geheime lijk wonder lijk, op Uw woord, mogen ZIEN.
- gij hebt de oren niet dichtgestopt, maar zwijgend wonderend leren "luisteren naar" het u verbijsterend, verbazend, wonder lijk boeiend HOOGLIED van het eerste en tweede BOEK en de dingen der natuur. zó dat u de ogen open gingen voor het wonder én het WONDER bóven wonder, en het hart in u ging branden.
- gij hebt geloofd en zijt blijven geloven niettegenstaande de vernietigende kritiek van "eerlijke (dit is van hun eigen uit en in een bedenkelijke emancipatie 'veroverde' waarheid en waardigheid en waarde overtuigde) intellectuelen". want "wat Ik u zeg" heeft u meer overtuigd van de waarheid, de GOD en mens waardigheid en waarde van al dat leeft, dan "wat men u heeft gezegd". gij zijt naar niemand anders gegaan en bij niemand anders gebleven dan naar en bij jezus CHRISTUS, het WOORD van den VADER, GOD den ZOON, Die de WAARHEID, het LEVEN en de WEG IS.
- met als gevolg van dien: dat gij "Hem zijt gevolgd en blijven volgen". zonder "morren" om het voor ons, die op aarde zijn, "HEMELSE" en uit dér aard vooral ons "denken" uitdagende van al wat Hij heeft gezegd. Zijn WAARHEID komt ons veelal als "onmogelijk" voor, maar hebt gij niet mogen kunnen ZIEN?; Zijn LEVEN na den dood aan het kruis (opstanding) wordt als onzin door velen afgewezen, is voor u ook niet zo klaar als pompwater, maar blijft gij niet geloven in "Die de derde
dag verrezen is uit de dood", met alle gevolgen van dien: uw verrijzenis, de verrijzenis van het lichaam"?; Zijn WEG is door ons op aarde niet te gaan, maar hebt gij niet het geluk door Zijn Heiligen GEEST verLICHT niet in de duisternis te wandelen en door Zijn Heiligen GEEST bekracht er toe te komen (nu eens min en dan weer meer) te doen wat Hij zegt te doen?
het groeien van uw geloof heeft plaats doordat you care and are lucky. en de vreugde die gij beleeft, "smaakt" bij het zien van het onverpoosd onverdroten leven van al dat leeft, het vieren van de geheimen, het lezen van de SCHRIFT, het zien van het "goede" in mensen, het weten dat niet allen "morrend" weggaan maar velen, als hun de ogen geopend worden, met brandend hart naar "de leerlingen" in jeruzalem terugkeren, is een onbetwistbaar teken van dit blinkend en blozend leven en groeien. de waarheid bevrijdt u; de vreugde vervult u; de vrede ("Mijn vrede") houdt u overeind.
4. want met het geloof groeiden ook uw vrijheid in een wereld van ver slaving; uw vreugde in een wereld van verdriet, zo niet wanhoop; uw vrede in een wereld van niet alleen on vrede, maar van groeiend geweld en vijandschap. en deze groei in het verborgene en wonder lijk op Uw woord is voor u weer een onbetwistbaar teken van: dat de HEER met u is en gij met den HEER zijt. het groeide; zó groeide het en zó groeit het... uit en in den NAAM van GOD den VADER SCHEPPER, GOD den ZOON VERLOSSER en GOD den Heiligen GEEST VOLTOOIER ervan.
AMEN. amen, en daarmee uit.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
