|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Het verhaal ging en gaat dat de grieken om troye te veroveren hun beleg ervan op een sluwe manier beëindigden: zij timmerden een groot paard in elkaar, verborgen manschappen in zijn buik, en toen de "naieve" troyanen een bres in de muur omheen hun stad sloegen om dat paard -als trofee!- binnen hun muren te sleuren, kropen de grieken 's nachts eruit, lieten de rest van het leger binnen, dat de slapende troyanen overviel en de stad in lichter laaie staken. historisch of dichterlijk, opgravingen schijnen te bevestigen niet alleen dat troye bestaan heeft, maar ook dat er sporen van brand zijn, wat de historiciteit van het verhaal zou bevestigen.
het paard van troye is een beeld geworden van: enerzijds dàt en hoé een veroveraar listen hanteert en lagen legt om zijn doel te bereiken, en anderzijds van goedgelovigen, die, naief, de sluwheid van hun vijand onderschatten en "uitgebrand" worden. het beeld van den "verborgen vijand" en van lichtgelovigen. het beeld van dàt het er zó in de wereld toegaat, hoé en waarom.
1. gij snijdt voor de vogels in de bomen kleine stukjes brood en spreidt ze op het gras voor duiven, mussen, merels, spreeuwen, en voor het roodborstje in de winter. hoe is een kat, hoe zijn de katten der buren? als gij op een dag veertjes vindt, of een afgerukte duivevleugel, weet gij genoeg: die katten wandelen uw tuin in niet om er te zonnen, maar om -zich in de struiken geniepig schuil houdend- de neergestreken en brood pikkende vogels -de "simpele duiven"- te belagen en "binnen te rijven". gij stelt dat vast en staat er machteloos tegenover. uw "goede daad" wordt voor de vogels hun "graf". alsof gij dàt gewild zoudt hebben.
het is een beeld. "natuur" opent u de ogen. uw argeloosheid wordt misbruikt. en dàt dwingt u op zoek te gaan naar middelen om dat "kwaad" te vermijden: het paard van troye on schadelijk maken door de brokjes brood gewoon ver van de struiken te strooien; omdat gij geen kattevergif wilt leggen, gewoon een stok in uw bereik houden om naar de indringers te slingeren en hen zó "mores" te leren. voor zover. in de hoop dat...het evenwicht hersteld zou worden, het "goede" uiteindelijk tóch zou overwinnen.
2. er is, echter, een ander paard van troye, dat, zó als dat van homeros, het onder ons schijnt te halen: de geniepige, ondergrondse, geruisloze manier waarop "argeloze, naieve" gelovigen door "struikrovers" overvallen, van hun geloof beroofd en halfdood achtergelaten worden. de taktiek der "grieken".
die "grieken" dringen de stad van GOD binnen zwaaiend met de brandende fakkels van de rede, het intellect, waarvoor er niets bestaat dat niet bewezen kan worden, alles moet kunnen en de geheimen van het geloof niet kunnen. die geheimen kùnnen niet; beweren dat zij het verstand te bóven gaan, is naieve praat van on verlichte sukkels, die de vaste grond der "aardse" wetenschap negeren en hun leven aan "mythen", "fabeltjes", "valse profeten", "bedriegers" toevertrouwen.
de "intellectuelen" spelen intellectueel eerlijk het verstand tegen het geloof uit: wat gelovigen geloven is niet bestand tegen de kritiek van het verstand; geloven is achterhaald en moet vervangen worden door het licht van den juisten kijk op de dingen der aarde en de eigen kracht van het werken "in dienst van de mensen". dit is: de hemel wordt naar de aarde neergehaald; de geheimen van GOD en Zijn Schepping en Verbond worden "ont maskerd"; het geheim van de incarnatie (GOD de ZOON een mens geworden) wordt weggehoond en jezus CHRISTUS (zelfs door christenen) vernederd tot "de zoon van de timmerman", den man van nazareth, den mens zonder meer; de Kerk zó als de stier in het spel van het stierengevecht "doorstoken" en aan het publiek op de wijze van toegeworpen oren overgeleverd; het HEILIGE wordt tot het banale van het alledaagse geprofaneerd en als tot niets dienend uit den dienst aan de mensen verwijderd.
het is in de ogen van de reëel lichttgelovigen en argelozen een mooi, groot paard: een staaltje van het technisch vernuft van den geëmancipeerd, vrijgevochten, alles kunnend en alles mogend de aarde "in dienst van de mensen" zelfovertuigd, zelfzeker, zelfingenomen, verwaand veroverenden mens, den big brother. maar, en tóch, en zie: voor die de dingen naderen en scherper bekijken, is deze ideologie het werk van een schalkaard: "hoe schoon en hoe bedrieglijk".
"Een schalkaard had een bie gevaân
en hield ze bij heur vleren;...
Ha! 't kindtje wierd te laat gewaar
hoe schoon en hoe bedrieglijk...
en zei 't: "Het beestje is schoon genoeg,
maar 't heeft zulke heete pootjes.".
de stad van GOD, Die in den hemel is, op aarde in lichter laaie. brandend opbrandend in het door de verlichte fakkels van eerlijke intellectuelen "verschroeid" horen, zien en tasten, voelen, denken en verbeelden van ont wortelde, ont heemde en (mét de WAARHEID en het LEVEN) den WEG verloren hebbende "displaced persons", mensen onderweg. van die hun eerstegeboorte recht om een bord linzensoep verkwanselen op de wijze van:
- "GOD bestaat is een project tot troost van losers!";
- "Er is geen eeuwig leven, profiteer van het aardse!";
- "Er is geen Schepping, schep zelf de aarde en de mens!";
- "Jezus was gewoon een mens: zijn woorden en wonderen waren verzinsels van leerlingen; de eucharistie is een
symbool; hij is niet verrezen.";
- "De Kerk is een machtsinstituut: priesters (paus en
bisschoppen) zijn gelijken; sacramenten zijn een
hocus-pocusspel en de zondagsplicht een door dat
instituut opgelegde karwei; haar moraal (zie huwelijk,
sex, de vrouw, kinderen, abortus, euthanasie enz) is
"bekrompen", "verstikkend", zó als zij zelf hopeloos
verouderd en definitief achterhaald; wij maken zelf
een nieuwe, jonge, vitale gemeenschap "in dienst van de
mensen" en zonder, buiten die Kerk.".
allemaal ontroerend mooi, maar bedrieglijk, met hete pootjes.
3. wààr om, en wàt, en hoé geloven is een "goede" vrucht van den "goeden" geest, die van den Heiligen GEEST - "Die u alles zal leren en in herinnering brengen wat Ik u heb gezegd"- is. het "staat -als GODS WOORD- geschreven" en is ons te "lezen" gegeven.
GODS WOORD is geen paard van troye. Het bergt van binnen geen "grieken, gereed om 's nachts den buik te openen, eruittekruipen en een heel leger binnentelaten om de stad te verwoesten". de "buik" van de SCHRIFT bergt, zó als de kruiken van qumram, een SCHAT, een "kostbare parel": GODS WIJSHEID voor het leven op aarde met INZICHT-in en UITZICHT-op-den-hemel.
aan die geloven, dit is die vreemd welwillend ertegenover staan en teder toegankelijk ervoor zijn, wordt GODS WIJSHEID geopenbaard, Die geheime lijk wonder lijk, in het verborgene, een helder onderscheid toont en het vermogen tot onderscheiden geeft tussen bedrieglijke wijsheid van mensen ("Men heeft u gezegd:...") en de WIJSHEID ("Maar Ik zeg u:..."). geloven kiemt in "wat wij hebben gehoord", en wast VOL uit en in het "naar Hem luisteren", het zich verdiepen in "al wat Ik (de WEG, de WAARHEID en het LEVEN) u heb gezegd".
jezus CHRISTUS "staat geschreven" als een verbijsterend, verbazend, wonder lijk boeiend WOORD, Dat die het "lezen" (zich erin verdiepen, ernaar luisteren en erin geloven) steeds weer verbijstert, verbaast en wonder lijk boeit, uit en in her innering door den Heiligen GEEST steeds helderder verschijnt als het uniek, eensluidend en onverdeeld onverdeelbaar GEHEIM, Dat de GROND is van het geheim schepping, het geheim mens in 't bijzonder. de GROND (hoeksteen) van alle echte (ware, goede en schone, onbedrieglijke en onbedriegende) wijsheid van een mens.
uit dér aard is het WOORD de toetssteen van wat mensen ons te vertellen hebben. de toetssteen die goud als (grondig, VOL) goud en lood (hoe als goud vermomd ook) als lood laat klinken. die gelooft is niet zo argeloos, zo naief als die denken dat hij naief is, naief zijn. hij kent de knepen der "grieken", laat zich niet door dat mooi in elkaar getimmerd houten paard misleiden, blijft waakzaam ("Weest waakzaam, want..."), draagt olie mee om zijn lamp brandend te houden, BROOD en WIJN als levenstocht die het hem mogelijk maakt 4O dagen en 4O nachten te lopen tot hij den berg van GOD bereikt. blijft bij Hem. dit is: toetst wat hij hoort aan wat Hij -op de wijze van her inneren door den Heiligen GEEST- te HOREN geeft, wat hij ziet aan wat Hij te ZIEN geeft, wat hij tast aan wat Hij te TASTEN geeft, wat hij voelt, en denkt over en ver beeldt aan wat Hij te VOELEN, DENKEN OVER, VERBEELDEN geeft.
"Als Ik met u ben,
wie zal dan tegen u zijn?".
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
