|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| inhoudstafel | >> volgende >> |
Terwijl jezus (over het water) naar de boot komt, wil petrus van de boot weg naar jezus toe. en jezus zegt: "Kom!".(Mat. 14/29). maar petrus is geen jezus, en "bij het zien van de geweldige storm, werd hij bang". de storm leidt hem van jezus af, werpt hem op zichzelf terug en "hij begon te zinken".
deze kleine anecdote stelt eens te meer on omwonden het wezen lijk ànders zijn van jezus. het is Hem alleen, als méér dan, gegeven "over het water te lopen, de hand uittesteken en vasttegrijpen, weer in de boot te helpen en de wind te bedaren" (25,31,32). dit is: Hij beheerst alle "omstandigheden" tijdens Zijn publiek optreden, tot den dood toe. ook in dien zin is Hij de "Meester". is Hij niet alleen trouw maar ook bron van VOL vertrouwen, en uit dér aard en over den dood heen ("Ik zal u niet als wezen achterlaten. Ik zal met u zijn tot het einde der tijden.") ten VOLLE geloof waardig. Hij is "op het meer wandelend" (teken van Zijn "de Zoon van God" zijn) bij "de leerlingen" en de leerlingen van "de leerlingen" altijd en overal helemaal bevrijdend, bevreugdend en bevredigend aanwezig. het geheim van Zijn ànders optreden op aarde is Zijn relatie-naar-binnen met den VADER, uitgedrukt in Zijn "afzondering" en gebed.
"En nadat Hij het volk had heengezonden,
besteeg Hij de berg om in eenzaamheid te bidden.
Die avond bleef Hij daar alleen."(23).
zó doende werpt Hij op een unieke wijze "HEMEL" en "aarde" op aarde samen.
petrus "onderbreekt" jezus' op weg zijn om "de leerlingen" in hun benarde situatie bijtestaan. onstuimig als hij is, moet -ook hiér- petrus in toom gehouden worden. jezus laat hem -op zijn vraag ("Zo Gij het zijt, beveel mij...")- komen om hem te "redden": dit is bewust te maken dat hij geen jezus is en op zijn plaats (in de boot, bij de anderen) moet blijven. dat hij "begon te zinken" en plots begreep dat hij door jezus "gered" moest worden ("Heer, red mij!") was een les voor hem, én "zij die in het vaartuig waren". en hun reactie getuigt ervan dat zij die "les" begrepen hadden:
"Nu wierpen zij die in het vaartuig waren,
zich vóór Hem neer en zeiden: Waarachtig,
Gij zijt de Zoon van God.(33).
de kern van het hele tweede BOEK is: "Wie zegt gij dat Ik ben?". petrus' antwoord is het door hen "opgetekend" antwoord van "de leerlingen", het getuigenis van "de eerste ooggetuigen":
"Gij zijt de Christus, de Zoon
van de levende God!" (Mat. 16/16).
| inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
