|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
"Ziel" is een in dit tijdje achterhaald en met één haal van de tafel geveegd woord. het heeft bij velen zijn "schittering" verloren. in uitdrukkingen met die uitdrukkingen in zwang gebleven, wordt het achteloos, dit is zonder dat de ziele naar zijn oorspronkelijke betekenis luistert, gebruikt.
de ziel van ziel is: GODS leven in een mens; Zijn ADEM in de klei; dat wat een mens ten diepste tot "een levend wezen" maakt; zijn waarheid, waardigheid en waarde bepaalt; van eeuwig leven is, en uit der aard, aan het BEGIN deelhebbend en tot het UITEINDE blijvend, blijft. de ziel is, "als vanzelf", geheime lijk wonder lijk, in het verborgene, in de stilte in stilte stil, de ziel van een mens. zijn geheim, het geheim van den zesden dag. zij doet het lichaam glanzen, van leven blozen, straalt uit de ogen en tilt hem op de hoogte van 10 meter bóven den platten grond. enthoesiast, dit is "vervuld van de Geest", "uit Zijn volheid ontvangend de ene genade na de andere", "opgeheven", prijst zij den HEER en neemt in die lofprijzing het lichaam op en mee.
de ziel "doet van Die is opgestaan, de waarheid aan.". zij articuleert op Uw woord de waarheid van de "HEMELSE" en "aardse" werkelijkheid, de werkelijkheid zó als zij is, zó als zij "geschreven staat".
"De Almachtige heeft aan mij grote dingen gedaan;
Zijn Naam is heilig! Zijn barmhartigheid
reikt van geslacht tot geslacht over hen
die Hem vrezen."(Luc. 1/49-50).
voor en in de ziel gaat de waarheid van en de weg naar het leven open. in het midden van het veld schouwt zij in de diepten van den hemel. de ziel is de natuur lijke plaats van de contemplatie, het schouwen: het -als zij luistert, nadert om scherper te zien- ànders, dit is rijker, groter, méér, horen, zien, tasten, voelen, denken over, ver beelden van het geschieden van de geschiedenis van de aarde (met al wat en wie er op is) op aarde. het reilen en zeilen van machtigen en geringen, van behoeftigen en rijken.
blijkbaar, feite lijk, is de schittering van aanzien, macht en bezit zo verblindend dat de mensen, door den schijn blind geworden ("trots van harte"), al staat de geschiedenis er al vanaf adams en eva's "avontuur" tot op den dag van vandaag bol van, niets van het hoor-, zicht- en tastbaar up en down van machtigen en rijken, de duizeling wekkende wenteling van het rad van het fortuin merken. is het niet vreemd dat mensen, blind geboren om langzaam ziend te worden en groeiend te blijven, weer blind worden, liever -om de een of andere reden- niet zien dan te zien? liever zó als de slang "op de buik kruipen en stof vreten hun leven lang" (Gen. 3/14) dan zó als de leeuwerik hoog in den hemel te vliegen en te zingen? machtigen en rijken "kruipen", maar "zingen" niet. het is het geheim van den "bozen" geest in mensen, die van "den bozen geest" is. het geheim van: dat tot vrijheid geschapen mensen uit en in die vrijheid kunnen kiezen den "goeden" geest uittedrijven en den "bozen" intevoeren. het geheim van al in den beginne in den mens (adam en eva) aanwezig "goed" en "kwaad". GODS GEHEIM.
men vergisse zich niet. óók al is "missen" (in den zachten vorm van zich vergissen) menselijk, geheime lijk wonder lijk in de gebakken maar breekbare klei ingebakken, tóch is het wijs zich, "van de Geest vervuld" den "goeden" geest invoerend en den "bozen" uitdrijvend, wetend wetens en willend willens niét te vergissen. "naar Hem te luisteren", "in Mij te geloven", "Mij te volgen".
het geschieden van de geschiedenis van die op aarde zijn, is geleid en gedragen door Die in den hemel is, is "in de palm van Zijn hand geschreven".
"God, onze Heer, Gij zijt de Heer der Heeren,
Gij draagt de wereld op Uw hand;
lacht ge op een volk, het bloeit in roem en eeren,
keert Gij Uw blikken, 't stort in 't zand!".
ons geschieden is opgenomen in het VISIOEN van de onverdeelde éénheid van "HEMEL" en "aarde", "het Rijk Gods" op aarde, en heeft uit dér aard wezen lijk ànders plaats dan zo als de "gevoeligheden", het "denken", het "fantaseren" van mensen het ons willen wijsmaken. in "het Rijk der hemelen" zijn machtigen, geringen, rijken, behoeftigen, ànders dan in het rijk van de wereld. om gekeerd. trotsen van harte op aarde worden in den hemel van hun troon gehaald en geringen verheven; rijken op aarde worden in den hemel ledig heengezonden en armen met gaven overladen. dit is de GROND wet van GODS Rijk en wordt ons "getoond", ons naar ónze wijze op ónze wijze te horen, zien en tasten gegeven in de "Godsspraken van Jahweh" en de boodschap van jezus CHRISTUS. de ogen openende Godsspraken en een "blijde" boodschap, die enerzijds "machtigen" en "rijken" willen "redden", willen voorkomen dat zij "zouden verloren gaan", en anderzijds "geringen" en "behoeftigen" niet alleen INZICHT in de waarheid van het leven op aarde als de weg naar, maar ook een heerlijk UITZICHT op den hemel geven.
maria's in dit "magnificat anima mea" uitgedrukte visie is een uit en in her innering door den Heiligen GEEST in haar opgeklaarde nuchtere kijk op het leven op aarde zó als het IS. zij articuleert booms en bijbels een ernstige waarschuwing voor de enen én een goeddoende bemoediging voor de anderen (alle geslachten; die Hem vrezen), die haar "vanaf nu zullen zalig prijzen" terwille van haar "aardse" geringheid en "hemelse" verhevenheid (de Machtige heeft aan mij grote dingen gedaan, Zijn Naam is heilig). zó "HEMELT" zij, "van de Heilige Geest vervuld" van binnen uit, uit een geheime lijk wonder lijke ervaring, in bijbelse taal "de aarde" op, tilt haar op de hoogte van 10 meter bóven den platten grond van "de machtigen" en "rijken".
haar hymne "staat geschreven", klinkt mee met de bijbelse traditie van profetische visioenen en wat "de leerlingen" optekenden "opdat gij zoudt mogen geloven..." en "door te geloven gered worden". dit is: voor altijd en overal helemaal verheven worden, met gaven overladen.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | contacteren |
