Aantekeningen van Ernest Bornauw
"uit God geboren", met UITZICHT op in GOD terugtekeren


begin boeken levensverloop nota bene contacteren

Zwanezang 16/1/2006 - 3/8/2007

<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>

11/14-2-06                           menselijk en mens lijk missen

 

“Missen is menselijk.”. mensen kunnen zich in horen, zien en tasten, voelen, denken en verbeelden vergissen, en doen dat wel allemaal eens. missen, of zich vergissen in/van,  is eigenlijk de dingen niet zien zó als zij zijn, kan nare of gewoon hilarische gevolgen hebben en wordt liefst vermeden. de achterkant van de spreuk suggereert dat GOD Zich niet vergist. met voor de mensen, if they care and are lucky, alle “goede” gevolgen van Dien. o.a.: dat zij zich geheime lijk wonder lijk, op Uw woord, niét vergissen, niét missen. geloofsgeheim.

mensen vergissen zich meestal omdat zij uitsluitend, of te zeer, met hun, uit zijn aard beperkt, zélf bezig zijn. zij horen, zien of tasten verkeerd, voelen, denken of verbeelden verkeerd, dit is: niet naar de waarheid. dat zélf (ego) is van in den beginne geneigd de dingen naar zich toetetrekken, hun waarheid naar zíjn waarheid te draaien, met ze te doen, niet wat de waarheid der dingen wil, maar wat het wil, de dingen naar zíjn hand te zetten en vóór zíjn kar te spannen. zó doen is uit der aard menselijk. mensen laten zich uit egocentrisme en onbezonnenheid door die “neiging” in het ootje nemen, menen door die neiging te volgen het goed te hebben en constateren pas achteraf dat zij erdoor bedrogen werden en, wat erger is, ook anderen bedrogen hebben. al laat het spreekwoord een zekere relativering, zo niet vergoedlijking van het “kwaad” doorschemeren, tóch uit het en blijft het een ernstige waarschuwing uiten en  moedigt het meteen aan om intens aandachtig naar de dingen te luisteren, dichter bij ze te komen om ze scherper te bekijken, en daarop gesteund hun voelen, denken over en verbeelden eerlijk (dit is: zó als het de eer van een mens betaamt) naar de waarheid te richten. wat inhoudt: eerder dan naar zichzelf naar GOD te luisteren of tenminste zijn “ervaren” van de dingen in GODS “objectiviteit” gelovend aan de objectiviteit van Zijn Scheppen (“En God zag dat het goed was.”) te toetsen. want dat GOD Zich niet vergist betekent voor mensen een VASTE  en “goede” grond om zich niet te vergissen. en de geschiedenis leert ons als “goede” leerschool voor “goed” leven zich niét van zich wél vergissen te onderscheiden. waarvan de voorbeelden dààr en toén én hiér en nù legio zijn.

zie bij voorbeeld van dààr en toén “Sola Scriptura!”: martin luthers vergissing, én meteen die van zijn “leerlingen”. de Schrift van de “traditie”  los maken, de onverdeelde éénheid van Schrift en traditie uiteenwerpen, is een vergissing. omdat zij het wezen van geschiedenis negeert. het Woord  en het WOORD zijn, door mensen (“de profeten” en “de leerlingen”) “opgetekend”, voor de mensen in de geschiedenis van de mensen verschenen opdat Zij doorheen de geschiedenis door mensen ont huld en ont vouwd zouden worden. uit dér aard is “overreiking” (traditie) wezen lijk, “als vanzelf” onverdeeld met de Schrift (“wat er -eerst, en toen de volheid der tijden gekomen was- geschreven staat”) verbonden. de christelijke traditie is wezen lijk apostolisch, overreiking van wat “de leerlingen” (apostelen) opgetekend en aan hun leerlingen (de Kerk) ter ont hulling en ont vouwing hebben toevertroouwd. daarvan afwijken op de wijze van “Sola Scriptura” (verwerpen van de apostolische traditie) betekent meteen zich vergissen op de wijze van zich (om welke, zelfs goed bedoelde maar in geen geval als “goed” te ijken reden dan ook) van de apostolische Kerk losscheuren, met de bekende, heilloze en uit der aard beruchte scheuring als jammerlijk gevolg van dien. de geschiedenis zelf leert onomwonden dat zélf, dit is zich van de OORSPRONG lijke en uit dér aard authentieke gemeenschap, in casu “het huis van de Heer”, los makend, doordrijven en doordraven een al te menselijke vergissing is en blijft, die bovendien het de mensen verzamelend, samenwerpend werk van GOD voor en onder de mensen en meteen de éénsgezindheid, bron van vrede, beschadigt. tot hiér en nù toe.

hiér en nù bij voorbeeld de interpretatie van Vaticanum II. het lijkt erop dat velen in Haar teksten willen horen wat zij graag zouden horen. vooral waar het gaat om het actief deelnemen van de leken aan het reilen en zeilen van de Kerk. feiten “tonen” overduidelijk dat heel wat priesters en vele leken met hen dit actief deelnemen interpreteren als zich afzetten tegen het gezag van paus en bisschoppen, de Kerk als verouderd zien en haar willen “vernieuwen” op de wijze van de leiding van paus en bisschoppen onder de tafel vegen en gewoon, zonder blikken of blozen en onder het mom van het algemeen priesterschap van Gods volk, hùn plaats innemen. erger nog: zij laten doorschemeren dat het gewijd priesterschap niet langer nodig is en de Kerk het gerust zonder priesters maar met de hulp van die actieve leken kan rooien. wat er erg “hervormingsgezind” uitziet en dat, gezien hun houding tegenover de sacramenten, de eucharistie in ’t bijzonder, ook IS. het is een vergissing. het druist flagrant tegen den “geest” van het Concilie, die van den Heiligen GEEST is, in.  dat “actief” deelnemen van vele leken is, zelfs met medewerking van om de een of andere reden tegen “Rome” agerende priesters, uit de hand gelopen op de wijze van: dat zij, zie de eigenaardige bediening van sacramenten, zie vooral de vreemde vieringen van de eucharistie, on gehoorzaam, niet op de hun eigen plaats gebleven zijn en de plaats van de daartoe gewijde priester hebben ingenomen. wat door het “enthoesiame” der eerste dagen als door een morgenmist verdoezeld werd, maar langzaam opklaarde en als een vergissing duidelijk geworden is. vandaar het “Back to the basics” van paus en bisschoppen. vele “actieve” leken voelden zich geremd en ontgoocheld, door de Kerk tekort gedaan en verlieten haar. in feite wilden zij, zichzelf een rad vóór de ogen draaiend, misleid of door de kracht der inertie, onder den druk van een algemeen en snel werkende saecularisering, zo niet profanering van het Heilige, de Kerk hun eigen willetje opdringen. die de kerk, en meteen de Kerk verlieten/verlaten, bleven/blijven hardnekkig bij hun eigenzinnige visie, in de mist, en konden/kunnen hun vergissing niet inzien noch toegeven. met als gevolg van dien: de naar de Kerk geslingerde boomerang komt onvermijdelijk op hun eigen kop terecht. wat nog maar een keer bewijst dat missen mens lijk is, niet GOD lijk.

hiér en nù de niets ontziende saecularisatie, “verwereldlijking”, het neerhalen van het Heilige (het HEMELSE”) naar den platten grond (het “aardse”). in feite de aan La Déësse Raison gewijde eredienst, terugkeer naar het heidendom. een verkeerde interpretatie, blind doordrijven en gebruiken van de op het gebruik van het verstand gegronde wetenschap en een wildgroei van de door die wetenschap mogelijk gemaakte techniek, hebben de hedendaagse mensen (de “toverleerlingen” van vandaag) hiér en nù in hun greep. een dergelijke veraardsing is een verkeerde interpretatie van de de mensen OORSPRONG lijk gegeven opdracht “de tuin bewarend te bewerken”. een door de vele nare materiële en geestelijke gevolgen ervan te bewijzen en bewezen vergissing. zie het fabriceren en gebruiken van almaar meer gesofistikeerde en krachtiger wapens en de beschadiging die zij niet alleen aan de aarde, maar ook aan de mensen die haar bewonen, toebrengen. zie de geestelijke aberratie van terroristen, die, in plaats van de gemeenschap door bevrijding van den angst optebouwen, de gemeenschap door haar te beangstigen afbreken. zie enerzijds de toegelaten en zelfs GOD tergend veroorzaakte schrijnende, armoede, en anderzijds het onbeschaamd uitstallen van en pronken met een zinloze en holle weelde. zie het verloren gaan van elk besef van en meteen respect voor het hogere en heilige onder ons voor ons. de geestelijke leegte, afgestomptheid, het zich onder de leuze van “Iedereen voelt, denkt en doet dat.” wentelen in en proberen te troosten met het zich aanschaffen -en meteen wegwerpen- van de overvloedig geëtaleerde en ogenstrelende dingen der consumptie. zie het mee spelen van het oorverdovend en geestdodend populair spel van “Het rad der fortuin”.

hiér nù de vergissing wat betreft de interpretatie van het evangelie en “evangelisch” leven. de in de westerse cultuur heersende trend leven te zien als den hemel uitsluitend met de aarde bezig zijn (“Erst kommt das Fressen!”) besmet vele christenen zó dat zij het evangelie beleven zien als en het accent verschuiven naar de mensen materieel dienen. dit is: het “aardse” geluk uit zijn verband met den hemel rukken. de wereldse “mentaliteit” is zodanig gesaeculariseerd, om niet te zeggen verheidenst, dat geloven, en meteen gelovigen, gemarginaliseerd worden en wat het bewerken van den “tuin”, het bewoonbaar maken en bewonen van de aarde, betreft, niet langer als “ter zake” beschouwd worden en als rem erop, verhindering ervan geweerd. zij worden vervangen door “de staat”, of door “vrijwilligers” die het nu allemaal zelf gaan doen: zelf blinden doen zien, doven doen horen, stommen doen spreken, boze geesten uitdrijven, mensen mens waardig helpen sterven en een mens waardige begrafenis/crematie bezorgen. nu de gezonde blos op de wangen verloren gegaan is, wordt het goed voorkomen nu met alle mogelijke cosmetische kneepjes bijgewerkt. wat uit de, lichtjes of zwaar geaccentueerde, “terminologie” allerduidelijkst blijkt. de “gedoopte”, van CHRISTUS doordrenkte goede werken blijken nu een zuiver humanistische aangelegenheid, waarin iedereen in de parochie zich thuis kan voelen  en er thuis zijn, geworden te zijn. want: “Als de Kerk niet dient, dient Zij tot niets.”. Zij dient aalleen tot iets als de gelovigen hun  identiteit op zak houden, over dat hogere (“quae sursum sunt”, de dingen van GOD, die uit der aard bóven ons uitstijgen) zwijgen, dienen op de profane wijze die men vandaag verkiest en wil. want inderdaad: “Das Fressen kommt erst!”. wie is er meer met de aarde bezig geweest dan die de mensen verrijkten met een Inzicht in op aarde leven dat met het Uitzicht op den hemel, op wat van bóven is, is verrijkt? de mensen van den wat lijden, ziekte, armoede, miskenning, verdrukking, verlaten- en eenzaamheid en boven al de confrontatie met sterven betreft platten grond tillen op de hoogte van een VOL vertrouwen op GOD, Die wezen lijk, VOL “goed” is en “al goed doende op aarde rondgaat”? óók al lijkt de werkelijkheid op het eerste gezicht anders te zijn. wie bezorgt dat tweede gezicht, dat blinden écht doet zien, doven écht horen, stommen écht spreken, boze geesten écht uitdrijft, ja (geestelijk) doden écht weer doet leven? wie zijn zij die die niet kùnnen niét dààr over spreken, het zwijgen willen opleggen? ook  hiér volstaat het bij het zien van het “probleem” te naderen om scherper toetekijken om de Stem te horen Die er uit opklinkt: “Ik zal er zijn voor u.”…via mensen die dit geloven en het als geloofsgeheim met woord en daad uitdragen. de Kerk (Haar in CHRISTUS gedoopten, van Hem doordrenkten) dient naar Haar wijze op Haar wijze dienend voor iets, dat àlles is: het heil van de mensen zó als zij in VOLheid, VOL waardig zijn. op aarde doorheen goede (van vrijheid, vreugde, vrede vervulde) en niettegenstaande kwade (ter wille van lijden, armoede, verlatenheid enz. met onvrijheid, onvreugde en onvrede gevulde) dagen al de dagen van het leven op weg en uitziend naar “de Dag van de Heer”, de Uiteinde lijke verrijzenis. de vrijheid, vreugde en vrede door, met en in GOD.

missen is menselijk. het is van in den beginne gegrond in het heerlijk geschenk vrij te zijn, vóór keuzen gesteld en te kunnen kiezen. óók verkeerd, dit is dingen die tegen de de mensen ingeschapen waarachtigheid, GOD en mens waardigheid en waarde indruisen, te kiezen, en uit der aard die waarachtig- en waardigheid en waarde te beschadigen. er is in mensen blijkbaar een “goede” geest, die hen uitnodigt wat goed is te kiezen, én een “boze” geest, die hen mis- en verleidt en naar wat kwaad is lokt. missen, zich vergissen in de keuze, moet gezien worden als het gevolg van die "tweestrijd" waarvan mensen de inzet zijn en waarbij zij uit der aard, door den “goeden” geest verlicht en den “bozen” verduisterd, betrokken worden. zó dat én op de aanmoedigingen van den “goeden” geest ingaan én aan de verlokkingen van den “bozen” toegeven beide menselijk zijn. met als gevolg van dien: dat het niet goed is het menselijke in dit toegeven te accentueren en het menselijke eigen aan het ingaan op te verdoezelen. goed is: beide evenwichtig belichten en afwegen opdat een juiste keuze mogelijk zou kunnen worden en ook ge/verkozen. dàn wordt het werken van den “goeden” geest als het leven bevorderend, en dat van den “bozen” als het afbrekend gezien en het juist kiezen, want de waarchtigheid, GOD en menswaardigheid en waarde van een mens “bewarend bewerkend”, gemakkelijker. dàt leren de feiten. maar de feiten leren evenzeer dat dit “bewarend bewerken” niet altijd plaats heeft. met alle nare gevolgen van dien.

dàn is missen mens lijk, van een mens die GOD en meteen het GOD lijke in hem heeft uitgeschakeld. is missen, zich vergissen in de essentie, in wat de afkomst en het doel van het leven is, al te menselijk, zure vrucht van een “bozen” geest in een mens, die van “den bozen geest” is en uiteenwerpt wat GOD samenwierp en dat uit der aard samenhoort. bij voorbeeld: op de wijze van: zijn vergissing beginnen te vermoeden, zo niet ze intezien, en tóch “in de boosheid volharden”; of, om de een of andere reden, of zich sterk makend met het “gezelschap” van anderen, zeggend “Wie kan nog langer naar zó iets luisteren!” bewust zijn “ongehoorzaam” zijn uittestallen en promoten; of, meelopend, geen enkele inspanning te doen eigen voelen, denken, verbeelden niet alleen te toetsen aan gewoon de menselijke wijsheid van paus en bisschoppen , maar, gelovend in het her inneren van den Heiligen GEEST in wat zij zeggen en doen, óók aan den “goeden” geest in hen, die van den Heiligen GEEST is. enz. dàn is missen een teken van niet geloven in het geheim van de Kerk, dat wezen lijk een vonk van GODS GEHEIM is, en is missen meteen een teken van ongehoorzaamheid aan GOD, aan jezus CHRISTUS (“Wie u aanhoort, aanhoort Mij.”) en aan den Heiligen GEEST, die “u zal leren en in herinnering brengen al wat Ik u heb gezegd.”. dàn is missen een fatale vergissing, met niet alleen voor zichzelf maar ook voor argeloze of bewust meedoende anderen kwade gevolgen. is missen onmenselijk en beschadigt het ernstig de aarde met al wat en wie er op is. waarvan de feiten doorheen het geschieden van de mensen op aarde, hiér en nù inbegrepen, legio zijn.

 

<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>


begin boeken levensverloop nota bene contacteren

Ernest Bornauw /Provijnsstraat 2 /3020 Herent /België
Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.
Als gebruiker mag u het werk kopiëren, verspreiden, tonen en op- en uitvoeren onder de volgende voorwaarden:
• Naamsvermelding. De gebruiker dient bij het werk de door de maker of de licentiegever aangegeven naam te vermelden.
• Niet-commercieel. De gebruiker mag het werk niet voor commerciële doeleinden gebruiken.
• Geen Afgeleide werken. De gebruiker mag het werk niet bewerken.
• Bij hergebruik of verspreiding dient de gebruiker de licentievoorwaarden van dit werk kenbaar te maken aan derden.
• De gebruiker mag uitsluitend afstand doen van een of meerdere van deze voorwaarden met voorafgaande toestemming van de rechthebbende.
Het voorgaande laat de wettelijke beperkingen op de intellectuele eigendomsrechten onverlet.
Bewerkt voor internet door Bart De Wolf
desheerens.com is online sinds januari 2005