|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Van buiten af op rust gesteld worden betekent voor de enen, doordat zij niets meer te doen krijgen en hebben, uitgeschakeld zijn; voor anderen, doordat zij van binnen uit op rust gesteld zijn, zich van de waarde van innerlijk leven bewust zijnd vrij en vrolijk en te vreden dit innerlijk leven VOLtooien.
de diepe betekenis van rusten is: zich midden in het veld terugtrekken en den gekregen tijd grotendeels aan schouwen in den de diepte van het leven vervullenden hemel besteden; ccontemplatief het “aardse” doen tot een “hemels” doen van gedaante verànderen; zó als van eedens waterlelie “blij het gouden hart ontsluiten, peinzend op het watervlak rusten en niets meer wensen”. schouwen is geen dolce far niente, maar een het leven op aarde hoogst en diepste, langst en breedst van door GODS Heiligen GEEST vervulden geest verVOLLEN, VOLtooien. rusten is, naar het aan de mensen gegeven voorbeeld van GOD den VADER SCHEPPER, het werk van den zevenden dag: het werk van de eerste zes dagen overschouwend, zien dat het goed, ja zeer goed is.
zó rusten veronderstelt dat men niet vergeten is den geest bij het scheppen der dingen te betrekken en hem den tijd en de kans te geven te groeien, zich te zelfder tijd als het doen én doend te ontwikkelen. den geest vormen, gevoeligheid voor, denken over en ver beelden ontwikkelen, is een levensinvestering, die als de tijd van rusten gekomen is haar volle vrucht afwerpt. de ervaring leert dat geestelijk gevormde mensen onderweg met een levenswijsheid verrijkt worden die het uitgeschakeld worden, niets meer in de pap te brokken krijgen en hebben, niet alleen dedramatiseert, maar ook als opbouwend doet zien, zonder “morren” helpt aanvaarden en als een toegevoegde waarde appreciëren. vertragen, zijn dagen rustig kunnen organiseren, den tijd kunnen nemen om wat er nog te doen is onopgejaagd te doen, om de dingen in stilte van dichtbij te bekijken, te bewonderen en van ze te genieten, is een kostbaar geschenk. mógen kunnen en kùnnen mogen rusten betekent van allen druk bevrijd vrij, doorheen de goede, maar vooral de kwade dagen tóch opgevrolijkt vrolijk, en uiteindelijk diep innerlijk bevredigd te vreden zijn leven VOLtooien.
dit betekent: de uit der aard veeleer zelf bepaalde en tot een minimum beperkte dingen die nog moeten gedaan worden (de “agenda”) met maximum aandacht en creatief afwerken; de overwegend blanco plekken in de agenda vullen met op den diepen zin van het leven gerichte aandacht schouwen. dit is: ook moeten lijden en ook moeten sterven van hun “angel” ontdoen en door het bewustzijn van en geloof in verrijzenis onschadelijk maken. met als gevolg van Dien: dat rust wezen lijk méér is, meer dan uiterlijk mogen uitblazen. rust is gerustheid ter wille van een uit en in geloven verkregen geheime lijk wonder lijke zekerheid dat van dit leven niets verloren, niets voorbijgaat, alles “bewaard” wordt en wat ervan onvoltooid was voorgoed voor “goed” VOLTOOID zal worden. dié rust is het geheim van die in den NAAM van den VADER (“Ik zal er zijn voor u.”) en van den ZOON (“Ik zal voor u een plaats bereiden en gij zult zijn waar Ik ben.”) en van den Heiligen GEEST (“Zie, Ik maak alles nieuw, een nieuwe hemel en een nieuwe aarde”) hebben mógen én, caring, het geluk gehad hebben te kùnnen geloven. dié waren er, zijn er, en zullen er blijven zijn “tot het einde der aarde”, niet alleen als “bewijs” van deze Werkelijkheid, maar ook als voor- en toonbeeld.
dié gelovenden bereiden in den serenen levensavond (Serenum erit; “De navond komt zoo stil, zoo stil,/ zoo traagzaam aangetreden,/ dat…”) in alle sereniteit het uur van hun lijden en het uur van hun sterven voor om gerust rustig uit in de richting van den overkant te varen. want: “Vita mutatur, non tollitur.”; het leven op aarde gaat niet verloren, niet voorbij, maar keert naar zijn OORSPRONG terug.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
