Aantekeningen van Ernest Bornauw
"uit God geboren", met UITZICHT op in GOD terugtekeren


begin boeken levensverloop nota bene contacteren

Zwanezang 16/1/2006 - 3/8/2007

<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>

6/14-6-06                             “Het rijke Roomse leven”

 

Als men zich op een werkelijkheid en de woorden die haar articuleren verkijkt, is het gevaar groot dat men ze ver vormt en ze aanleiding worden tot onbegrip, laatdunkendheid, misprijzen en spot. wat door feiten is aangetoond. zich verkijken op getuigt van gemis aan voor juist kijken fundamenteel noodzakelijke “vreemde” welwillendheid tegenover en (al dan niet, maar liefst) tedere toegankelijkheid voor.

in nederland ligt nog altijd en ter wille van een eeuwenlange strijdigheid en strijd “Rooms Katholiek“ (zo niet “paaps”, wat op de grondoorzaak wijst) gevoelig. tegen dien achtergrond gezien klinkt wat een Rooms katholiek,  het leven van de Katholieke Kerk met dat van de gereformeerde Kerken vergelijkend, als  “Het rijke Roomse leven” formuleerde, specifiek, dààr en toén ter zake. gezien die omstandigheden en situatie is die formulering allesbehalve “misplaatst”, staat zij integendeel op haar plaats en moet zij als op dié plaats begrepen en geïnterpreteerd worden. bovendien behoudt zij haar pregnantie en kan zij naar de aanwezigheid van de Rooms Katholieke Kerk in alle delen van de wereld verruimd worden. het leven van de Kerk was en is en blijft “een rijk Rooms leven”.

men heeft zich verkeken door dit “rijke” leven tot materiële bezittingen te beperken. de “rijkdom” aan gebouwen, liturgische gewaden en voorwerpen, feestelijkheden en plechtig optreden van Haar bedienaars en Haar kloosters werd met den tijd en de veranderingen der gevoeligheden, ideeën en voorstellingen erin plots met scheve ogen bekeken en aan een democratisch destructieve kritiek onderworpen. hij zou niet evangelisch (denk aan de kritiek op de zalving van jezus door de prostituee) zijn; een in een stal geborene moet, vooral niet waar er zoveel armoede is, niet met al de (wereldse) koninklijke en keizerlijke rekwisieten overladen worden enz. enz. prelaten gingen ter wille van die omstandigheden “democratiseren” (wat trouwens, gezien misvattingen en overdrijvingen, op zichzelf zijn goede kanten heeft); sommige priesters vervingen ter wille van die omstandigheden den gouden kelk door een keramieken en gingen er als gewone burgers uitziend bijlopen. alsof  met “het rijke Roomse leven” uitsluitend de materiële kant bedoeld was.

men heeft zich verkeken op de “bewering” van de Kerk én wat Haar geloofsleer én wat Haar bepalen van de moraal betreft in de waarheid te zijn en Haar dat duur aangerekend. een eerste aanleiding daartoe was Haar “vergissingen” op geloofsgebied (dogma’s!) en de bedenkelijkheid van het moreel gedrag van sommigen binnen Haar. een tweede aanleiding is dat die bewering binnen de waarheid te zijn gezien de steeds groeiende overtuging dat waarheid relatief is, dat er geen dé waarheid is, als een verfoeilijke mensonwaardige pretentie wordt neergehaald en verworpen. óók geestelijk wordt dat rijke Roomse leven drastig in zijn hemd gezet en publiek aan den schandpaal tentoongesteld. alle godsdienst zijn, niet alleen waardevol maar, óók gelijk. basta.

maar (“Men heeft u gezegd…Maar Ik zeg u:…”). en tóch (“Kijk eens naar de vogels in de lucht of de leliën op het veld. Zij zaaien niet en maaien niet, zij bloeien en verwelken, en toch…). en zie (“… zie, daar verscheen hem in een droom een engel des Heren en sprak:”). “wat er geschreven staat” tilt meteen de dingen der aarde op de hoogte van de dingen van GOD en plaatst de werkelijkheid op haar juiste, natuur lijke plaats: het VISIOEN van de onverdeelde éénheid van “HEMEL” en “aarde”. de juiste, natuur lijke plaats van Kerk en Kerken is dit VISIOEN. de juiste kijk op den werkelijken rijkdom van de Rooms Katholieke Kerk is de “als vanzelf” gerijpte rijpe vrucht van een “vreemde” (rationeel onverklaarbare) welweillendheid tegenover en  (liefst) tedere toegankelijkheid voor “wat er geschreven staat”, en uit dér aard tegenover en voor de Kerk. Haar rijkdom is een hogere, een geestlijke door GODS GEEST opgetilde GEEST lijke en uit dér aard door geen dief te stelen, door geen mot aantetasten, onverslijtbare rijkdom. was dat, is dat, en blijft dat. geloofsgeheim in jezus CHRISTUS verborgen geborgen, door Hem bevestigd en door den Heiligen GEEST gedragen geheim van de Kerk, dat tóch onder ons aanwezig is en blijft en alleen, tot steun voor en aanmoediging van die én in jezus CHRISTUS én meteen in Haar geloven, uit en in geloven gezien kan worden en wordt.

het is de rijkdom van “het Rijk Gods op aarde”, die de mensen met het VOLLE én lichaam én geest lijk leven verrijkt, verméért. die rijkdom is groeiende, onverloren en onvoorbijgaande VOLheid: in wezen te zelfder tijd op aarde al naar VOLtooiing strevend en in den hemel te VOLTOOIEN “eeuwig leven”. hij is de rijkdom van jezus CHRISTUS, Die op GROND van Zijn gezag de Kerk met een drievoudig gezag  bekleedt: gezag om te leren; gezag om te besturen; gezag om in liturgische vieringen de sacramenten toetedienen.

die rijkdom is rijkdom aan leergezag: het verkondigen van de door GOD aan de mensen in de SCHRIFT geopenbaarde, door jezus CHRISTUS naar ónze wijze op ónze wijze woord- en daadlijk  gearticuleerde en door de Kerk uit en in opdracht, uit zending, doorheen de tijden op de wijze van onthullen en ontvouwen “te leren en geleerde” geloofsgeheimen. de geloofsleer van de Kerk grondt in de apostolische overlevering van “al wat Ik u heb gezegd”, die door het  nederdalen van GODS GEEST (“Die u alles zal leren en in herinnering brengen”) over de twaalf  opklaarde, door hen begrepen en aanvaard werd en meteen onbevangen en ongeremd verkondigd. zij is geen werk van mensenhanden, maar van “Zijn handen” en uit dér aard onbeperkte garantie voor waarheid (”Ik ben de Waarheid,), VOL leven (het Leven ) en de juiste te volgen weg (en de Weg”). wie (als door een geheime lijk wonder lijk brandend, maar, en tóch, en zie niét opbrandend braambos geboeid) nadert om scherper te kijken, hoort de Stem van GOD, Die eruit opklinkt. die onbevangen, vreemd welwillend en teder toegankelijk nadert en scherper kijkt, dit is onweerbarst- en onweerstandig naar het her inneren van den Heiligen GEEST luistert, ZIET dat die leer (dat “onderricht”) sluit als een bus. zij beLicht het bestaan van al wat bestaat als SCHEPPING van GOD den VADER SCHEPPER, en meteen “dat het goed, ja zeer goed is”, waarachtig, GOD en mens waardig en waardeVOL, en bovendien in veilige handen. zij be Licht het avontuur van de mensen als: door ongehoorzaamheid uit het paradijs verdreven, maar als VERBOND lijk, door GOD den ZOON VERLOSSER verlost, er weer in. zij be Licht dàt en hoé GOD de Heilige GEEST VOLTOOIER “het werk dat Hij in ons begonnen is, onverpoosd en onverdroten VOLtooit.”. het geheim van die leer is het GEHEIM van den VADERZOONGEEST: aan de mensen als door hen te geloven gegeven geloofsgeheim ten leven (tot heil van) voor de mensen. zó dat geloven een mens niet alleen met VOL inzicht in verrijkt maar hem ook redt: den mens in zijn VOLLE menswaardigheid bevestigt, bewaart en zijn leven op aarde te zelfder tijd het aanmoedigend, bevrijdend, bevreugdend en bevredigend Uitzicht op den hemel schenkt. alle “problemen” relativeert en “als vanzelf” oplost. zó als die in Hem gelovend van doof-, stom- blind-, melaatsheid genezen en zelfs uit den dood opgewekt werden, het avontuur van geloven en bij Hem blijven wagen  resulteert gegarandeerd in uittocht uit de slavernij, doortocht door de woestijn en uiteindelijk het bereiken van het beloofde land. en die het waagden en wagen weten het uit en in ervaring aan den lijve.

het is een rijkdom aan bestuursgezag. het bestuursgezag van de Kerk is het gezag van jezus CHRISTUS, de opdracht Die Hij Haar (de twaalf en hun opvolgers) bij Zijn hemelvaart gegeven heeft: “Maar wanneer de Heilige Geest over u komt, zult gij kracht ontvangen en Mijn getuigen zijn in heel Judea en Samaria en tot aan het einde der aarde.” (Ha. 1/8). zó als Haar leer is ook Haar bestuur van de gemeenschap (de vergadering, “het huis van de Heer”) geen werk van mensenhanden, maar het werk van GOD den VADER via de zending die Hij aan den ZOON heeft opgedragen. de Kerk bestuurt (leidt) op GEZAG van den VADER SCHEPPER, den  ZOON VERLOSSER en den Heiligen GEEST VOLTOOIER. paus en bisschoppen en door hen afgevaardigde priesters leiden de gemeenschap, urbi et orbi, niét op een zichzelf aangematigd gezag, maar uit “wijding”, dit is: uit en in den “goeden” geest, die van den Heiligen GEEST is. geloofsgeheim, waarin en waardoor dit leiden wezen lijk ànders is en ànders wordt toegewezen dan dat der andere leiders in de wereld. het avontuur zich aan deze leiding toetevertrouwen wagen  is niet gedragen door gevoelsbewegingen, ideologieën of wisselvallige fantasietjes, maar door een onwankelbaar, gevoeligheden, denkbeelden en fantasietjes overschrijdend en uit dér aard stabiel geloof in paus, bisschoppen en priesters. geloof in: dat zij, ook als hun leiding op het eerste gezicht tegen de haren in strijkt of zelfs voor de borst stoot, door den Heiligen GEEST worden geleid. kritiek van het theoretisch en zelfs praktisch (intellectuele eerlijkheid van het gezond) verstand is uit der aard niet van den “goeden” geest, die van den Heiligen GEEST is (“Mijn gedachten zijn niet de uwe, noch zijn Mijn wegen de uwe.”). de leiding betreft enerzijds de organisatie van de gemeenschap, die, doordat de Kerk geen instituut is maar een organisch “levend wezen”, al door jezus zelf aangeduid werd en zich “als vanzelf” verder ontwikkelde op de wijze van: een onverdeeld en onverdeelbaar geheel (“lichaam”) van hoofd (Petrus/paus, episcopoi/bisschoppen  en prebyteres/priesters) en ledematen (“Ik ben de wijnstok; gij zijt de ranken.”). met als gevolg van dien: dat dit organisme gezond zal blijven en goed functioneren als iedereen erin op zijn plaats blijft en uit en in gezonden zin voor gemeenschap de functie vervult die hij -niet zich aanmatigt, maar- te vervullen “kreeg”. gezonde zin voor gemeenschap toont zich als die de leiding hebben onbevangen ongeremd zeggen en die geleid worden onweerbarstig onweerstandig luisteren. anderzijds betreft de leiding het helder stellen van de gedragregels, de moraal. die gedragsregels gronden in de door Jahweh aan mozes meegegeven en door jezus als het tweede gebod is gelijk aan het eerste verVOLde woorden ten leven. hun kracht is die -niet op grond van wisselende gevoeligheden, rationele denkbeelden of willekeurige fantasietjes gestructureerde “wetten”, maar- van geloofsgeheim. die geloven weten dat zij niet alleen zijn, maar in het terwille van de zwakheid van het vlees soms moeilijk beleven van die gedragsregels door GOD worden gesteund. vandaar dat zij, zó als jezus, bidden, dit is: in de stilte in stilte stil of gezamenlijk in de liturgische vieringen met GOD en met elkaar in contact blijven om hun hun door GOD ingeschapen geweten te vormen en naar dit gevormd geweten te handelen. de ons in de Schrift te lezen en te leren gegeven woorden-ten- leven van GOD zijn en blijven het fundament van de gedragsregels der mensen. en who care and are lucky ondervinden aan den lijve dat zij het verlangen van het hart bevredigen, het inzicht van het verstand verhelderen en de verbeelding wakker houden om de tekens van dàt en hoé zij het leven bevorderen te zien. met als gevolg van Dien: dat naar die woorden-ten-leven luisteren, in ze geloven en ze volgen een mens grondig bevrijden, tot een vreugde die de wereld niet kan geven opvrolijken en tot een vrede die alle zinnen te boven gaat bevredigen. ook al veranderen de tijden en meteen “vormen”, ook al hebben de kerkelijke leiders hun gebreken (“Ook ik ben maar een mens.”) en kunnen zij zich wat het voorhouden en aanbevelen van gedragsregels betreft vergissen, tóch blijft het de rijkdom van de Kerk dat Haar moraal gedragen is door de door de geloofsgeheimen beLichte helderheid en zullen de “achterlijkheid” en de “vergissingen” van de leiders door de leiders met den tijd niet alleen ingezien, maar ook gecorrigeerd worden. uiteindekijk verliest de Kerk zich uit en in CHRISTUS lijke nederigheid van harte niet in  hardnekkigheid en (dom, zo niet dwaas) “volharden in de boosheid”.

 op gezag van CHRISTUS hebben paus en bisschoppen en priesters het gezag de sacramenten te bedienen en de liturgische vieringen voortegaan. enerzijds is de Kerk wezen lijk een sacramentele Kerk en meteen een Kerk die sacramenten toedient. zó als CHRISTUS Zich als jezus van nazareth aan óns heeft aangepast om Zijn zending een mens lijke gestalte te geven, zó doet Hij dat doorheen de geschiedenis door middel van de sacramenten: lichaam lijke vorm van een geest/GEEST lijk “onderricht” en meteen de “vervulling” van de ons door Hem geschonken genade. uit der aard overstijgen die hoor-, zicht- en tastbare vormen de “letter” doordat zij naar den “GEEST” verwijzen. de onderdompeling in water en het (gewassen) weer eruit opduiken be tekent zuivering van de ziel, herstelde gemeenschap met GOD en met CHRISTUS op de wijze van vanaf nu toebehoren tot “het huis van de Heer”. een dergelijke “be kering” heeft plaats in alle sacramenten. zó dat zij, de eucharistie in ’t bijzonder,  het  leerling van CHRISTUS en lid van de Kerk zijn be tekenen en bevestigen. het geheim van de sacramenten is het GEHEIM van jezus CHRISTUS, waarin en waaruit oplicht: dat de sacramentent uit dér aard scharniermomenten van mens lijk leven (geboren worden, gevoed, versterkt ,verzoend, gewijd, verenigd en gezalfd) van den platten grond (het aardse leven) op de hoogte van 10 meter erbóven (het GOD lijk leven) tillen. wat het “vieren van feest tot feest” waard is. dit geheim uit het oog en uit het hart verliezen betekent “tot stof terugkeren”, niet langer naar “woorden van eeuwig leven” luisteren en “van Hem weggaan”, het “HEMELSE” voor het “aardse” prijsgeven, “het VISIOEN verliezen en meteen niet het leven maar de dood kiezen”. anderzijds heeft het vieren van de sacramenten plaats op de wijze van “gemeenschap lijke” liturgische vieringen waarin de “deel nemers” als intens aandachtige met de voorgangers én met de andere aanwezigen medevierderende vierders zich van hun Kerk zijn bewust worden en het bevestigen. bovendien verblijdt het harelijk deelnemen aan deze vieringen

 het hart en verstevigt het het geloven op de wijze van “vermeerderen van ons geloof”, van van kinderlijk argloos geloof groeien naar VOL wassen van een verdiept Inzicht in het geheim van de geloofsgeheimen. vieringen verhelderen en versterken dit Inzicht en dragen bij tot het verstevigen van het fundament van een apostolisch geloof in en meeleven met de Kerk. “Les absents ont tort.”. bij deze vieringen afwezig blijven resulteert in verlies van Inzicht en waardering, en uit der aard verlies van identiteit en zin voor de waarachtigheid, GOD en mens waardigheid en waarde van de in die vieringen steeds weer beLichte en gevierde geloofsgeheimen.

als schitterend resultaat van geloven in de geloofsgeheimen, gehoorzaamheid aan de leiding van de Kerk en intens aandachtige aanwezigheid bij, deelname aan de liturgische vieringen is er de rijkdom der heiligen. de Kerk is een Kerk van door GODS GEEST geheiligde al dan niet in den canon opgenomen en ter verering aan de strijdende gemeenschap aangeboden heiligen. een lange litanie van, te beginnen met Onze Lieve Vrouw en “de leerlingen” en ter wille van de “onbekenden”, een niet te tellen menigte, “Honderdvierenveertig duizend gezegelden uit alle stammen van Israëls zonen”. een gemeenschap die den overkant heeft bereikt, het beloofde land is binnengegaan en van daar uit die den strijd nog niet gestreden hebben helpend om hem te winnen. want “zij brengen hun hemel door met goed te doen op aarde”. de heiligen zijn een schitterende rijkdom van de Kerk. zij zijn vanuit den hemel een blijvende creatieve aanwezigheid onder ons op aarde; het hoor-, zicht- en tastbaar geheim van een geheiligd heilig leven. hen vereren is een teken van onbevangen erkenning van het heiligend werk van den Heiligen GEEST onder ons, en uit dér aard een stimulans voor die, naar hen pelgrimerend, nog onderweg zijn. de Kerk is, precies doordat zij heiligheid erkent, overal ter wereld geheiligden ter verering aanbiedt en haar leden aanmoedigt hen te aanroepen, onder alle godsdiensten uniek. meer nog: het is in gelovenden een teken van orthodoxie, zij het op een evenwichtige en theologisch onderbouwde wijze, de heiligen te vereren en hen in hun eigen streven naar heiligheid creatief “inteschakelen”. een teken dat zij de heiligen als een hun ter beschikking gestelden rijkdom zien, aanvaarden en ervaren. voor dien rijkdom onder druk van een “democratische en democratiserende” (lees relativerende en proletisch neerhalende) liberaal rationalistisch individualische cultuur den neus ophalen, “het hoofd schudden en de handen bewegen”, is een teken van verlies, zo niet een dwaze verkwanseling van het VISIOEN en meteen van het leven. de heiligen “tonen” vanop hun -symbolisch hoog bóven den platten grond geplaatsten- sokkel dat het leven der mensen, die op aarde zijn, uit en in de Schepping en het Verbond van GOD, Die in den hemel is, “goed” is en uiteindelijk who care and are lucky “ten goede komt”. zij zijn de getuigen van wie jezus CHRISTUS  droomde, die Hij met succes begeleid heeft, “niét verloren heeft laten gaan” maar als Lam Gods rond zich heeft geschaard en  “verheerlijkt”. waarvan het heerlijk “primitief” schilderij van jan van eyck (“als ich can”) getuigt en blijft getuigen. de heiligen zijn in goede en kwade dagen al de dagen van het leven onze beste, dit is open, heldere, nuchtere, trouwe vrienden.

dàt IS “het rijke Roomse leven”, beaming en weerspiegeling van “het Rijk van GOD, Die in den hemel is”, onder de mensen, die op aarde zijn. IS de weelde van de apostolische (de overlevering van de apostelen trouw belijdende en vierende) katholieke Kerk. de weelde van GODS Heiligen en heiligenden GEEST, “Die Heer is en het leven geeft” en uit dér aard ons leven hoogst en diepst, langst en breedst verrijkt, in en onder ons…tot het einde der aarde en het einde der tijden.

 

<< vorige << inhoudstafel >> volgende >>


begin boeken levensverloop nota bene contacteren

Ernest Bornauw /Provijnsstraat 2 /3020 Herent /België
Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.
Als gebruiker mag u het werk kopiëren, verspreiden, tonen en op- en uitvoeren onder de volgende voorwaarden:
• Naamsvermelding. De gebruiker dient bij het werk de door de maker of de licentiegever aangegeven naam te vermelden.
• Niet-commercieel. De gebruiker mag het werk niet voor commerciële doeleinden gebruiken.
• Geen Afgeleide werken. De gebruiker mag het werk niet bewerken.
• Bij hergebruik of verspreiding dient de gebruiker de licentievoorwaarden van dit werk kenbaar te maken aan derden.
• De gebruiker mag uitsluitend afstand doen van een of meerdere van deze voorwaarden met voorafgaande toestemming van de rechthebbende.
Het voorgaande laat de wettelijke beperkingen op de intellectuele eigendomsrechten onverlet.
Bewerkt voor internet door Bart De Wolf
desheerens.com is online sinds januari 2005