|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Mozes’ avontuur met het brandend braambos is, voor die het in de verte ziet, erdoor geboeid wordt en nadert om scherper te kijken, een schitterend beeld van wat er onderweg gebeurt, van het groeiproces van het leven van een mens op aarde. het komt er voor een mens op aan te leren zien (horen en tasten inkluis), het geluk te hebben door het geziene (gehoorde, getaste) geboeid te worden en geduwd en gedreven dichterbij te komen om het scherper, nauwkeuriger, zó als het is te zien (te horen en te tasten). dit is: in zijn VOLheid erover denkend te kennen, te smaken, uittespreken en te be leven, te doen.
“Hij zag op, en ofschoon het braambos in lichterlaaie stond, werd het niet verteerd.” (Ex. 3/2). ha, mógen kunnen en kùnnen mogen zien. opzien. de ogen open doen en houden. intens aandachtig altijd en overal helemaal aanwezig zijn (het “être présent” van gabriël marcel). onverdeeld, onuiteengeworpen, onverstrooid de ogen den kost geven. er VOL zijn, met heel zijn wezen. wie iets niet gezien heeft, was er niet; wie er is, ziet de dingen. en weten dat er iets is, het verwachten, richt de aandacht en doet het zien. het zien zó als het is, niet zoals de oppervlakkige, rijke, nonchalant van hun weelde genietende amerikaanse toeristen op het terras uit “The old man and the sea”, die meenden in het skelet van den zwaardvis daar aan wal dat van een haai te zien. wie ziet, ziet de dingen zó als zij zijn. dit is: het meer in ze, het teken. dat skelet was een teken van het avontuur van die oude man in zijn vissersboot op zee: het voor zijn levensonderhoud zo kostbaar “vlees” van zijn uitzonderlijk grote vangst, die hem wonderlijk gelukt was maar ook zoveel vaardigheid, moeite en lijden had gekost, was precies door haaien weggevreten. hemmingway wist heel goed dat het uiteindelijk om het teken gaat. zien is meer dan, is het teken in de dingen zien, en, if you’re lucky, het méér: de TEKEN-waarde van het teken. diep in de woestijn “verscheen aan Mozes de engel van Jahweh in een vlammend vuur midden in een braambos.” en hij zag op, zag het. alleen al het opzien en zien ervan was een teken van aanwezigheid. en meteen van openheid voor de boodschap van “de engel van Jahweh”, openheid voor het wonder, het geheim op aarde. zó was gezelle een dichterlijke ziener, én dichtende bovendien. iemand die graag zag, de moeite deed te zien (“Aanschouwt mij, hier en daar, die bende Casselkoeien…), tot in de minste details (zie “Pachthofschilderinge”) en het graag deed…”in ’t midden des velds” (“’ k Sta me zoo geren in ’t midden des velds en schouwe in de diepten des hemels.”). er klinkt iets van mozes’ “diep in de woestijn”, “verscheen de engel van Jahweh” en “Hij zag op, en” in. zó was johannes, “de ziener van Patmos”, een ziener bij uitstek. hij reageerde prompt op jezus’ uitnodiging te komen zien: ”Hij ging dan zien, en…”. hij had ogen en zag. meer nog, méér: zag, en geloofde. hoé en wàt hij zag, tilde hem van den platten grond op de hoogte van het geheim. in wat hij optekende is zien een sleutelwoord. een woord dat den lezer waarschuwt en hem de ogen opent voor “wat er staat”, voor “den geest” die “de letter” doet leven. dàt is de hoogte en diepte, lengte en breedte van zin voor en zin van zien.
zien, en door wat men (“in de verte”) ziet, geboeid zijn. “Ik moet dat wonder schouwspel toch eens wat nader gaan bezien.” (2/3). dit is: erdoor geIntrigeerd willen kennen. die geïntrigeerd is door staat open voor, gaat er niet onverschillig aan voorbij (“…doch luistert niet en gaat voorbij!”). er is tussen die ziet en wat hij ziet een gemeen- zo niet verwantschap, een geheime lijk wonder lijke diep innerlijke verbondenheid, en meteen een “aanknopingspunt”, een “raakpunt”, een on-, onder- of bewust verlangen naar ontmoeting in die lééft met al dat leeft. die geïntrigeerd is, is sensibel, gevoelig voor, in feite dichterlijk van aard, en uit der aard op een eminente wijze “nieuws-, weetgierig”, vreemd geboeid door, tot het achterlaten van zijn kudde toe. het geestelijk avontuur ligt hem en trekt hem, en beloont hem met hem steeds verder verrijkende ontdekkingen van door “den geest” tot leven gewekte “letter” lijke aanbiedingen hij is een “spitter”, die uit het veld den erin verborgen Schat te voorschijn haalt. he cares, and is lucky. en groeit geestelijk VOL wassend tot een werkelijk VOLwassen mens op de wijze van “zich vermenigvuldigen”, “den tuin bewarend bewerken”, “heersen over de vissen der zee, de vogels in de lucht,…alle zaaddragend gewas op de aarde,”. geboeid zijn door is geen oppervlakkige nieuwsgierigheid, maar het creatief (zelf)bewust antwoord op een aan het zien gekoppeld ingeschapen opdracht.
zien, geboeid zijn en…naderen om scherper te kijken (“Ik moet dat vreemde schouwspel toch eens wat nader gaan bezien en kijken waarom het braambos niet verbrandt.” /2,3). dit is: het geziene niet verloren, voorbij laten gaan; het geschenk aanvaarden en er iets mee doen. naderen: on onverschillig dichterbijkomen om scherper te zien. wat een mens te zien gegeven wordt, is in feite “een vreemd schouwspel", dat naar/op een Verschil wijst en uit dér aard onverschilligheid (de mening dat er geen verschil is) als onbehoorlijk, niet tot het OORSPRONG lijk wezen, de eigenheid van den mens behorend, laakt. de eigenheid van een mens is, integendeel, door de hem vóór de voeten gelegde dingen geboeid naderen om ze scherper te bekijken en zó doende het zien te verrijken, vergroten tot de dingen ZIEN: wat in de verte verschijnt, van dichtbij zien zó als het is. in feite meer dan. méér: dichterlijk tekens afgevend, vonken van een via de werkelijkheid verschijnende Werkelijkheid. een mens die (dat “vreemde schouwspel”) nadert om scherper te kijken, ZIET dat de dingen hem niet alleen vóór, maar ook aan de voeten gelegd én aan zijn handen toevertrouwd zijn (“Welnu dan, Ik zal u tot de Farao zenden; gij moet Mijn volk, de kinderen Israëls, uit Egypte leiden.” /3,10). is zien de gave van ogen hebben en als antwoord erop die ogen gebruiken, is geboeid zijn uit en in caring, intens aandachtige aanwezigheid (met het hart erbij) gevoelig voor geraakt worden door en openstaan voor de uitnodiging, naderen om scherper te kijken resulteert in being lucky: het geluk hebben de STEM te horen Die geheime lijk wonder lijk uit dat ”vreemd schouwspel” van de dingen zó als zij zijn, opklinkt. naderen VOLtooit het zien en geboeid zijn tot VOLheid van ervaren, die “de goede grond” is voor daadwerkelijk leven (“het volk uit Egypte leiden”). dit is: VOL leven uit en in Zijn VOLHEID van LEVEN; VOL wassen: VOLwassen worden, zijn en blijven.
VOL wassen heeft plaats op de wijze van vrij en vrolijk en te vreden met de ingeschapen gaven van zien, van caring en uit dér aard geboeid zijn door, en van het geluk hebben tot naderen om scherper te kijken geneigd te zijn meewerken. zó als johannes door jezus geboeid ging zien waar Hij onder ons woonde, Hem naderde om Hem scherper te zien,… in Hem (dat “vreemde schouwspel”, dat “zó iets”) geloofde en daadwerkelijk bij Hem bleef. VOL wassen is: geheime lijk wonder lijk deelhebbend aan deelnemen aan het “vreemd schouwspel” van het VISIOEN van de onverdeelde éénheid van “aarde” en “HEMEL”, dat in dat “brandend en tóch niet opbrandend braambos” op schitterende wijze ver beeld is. het is: van den platten grond overeind komen, zich ervan afzetten, de vleugels uitslaan en naar de hoogte van het geheim opstijgen. de hoogte waar het bestaan van een mens op aarde vervuld wordt van den “goeden” geest, die van GODS Heiligen GEEST is, en uit dér aard verVOLd.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
