|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Gewoon een door doen nadenkende teksten en heerlijke muziek begeleide paradijselijke plekjes te voorschijn getoverde e-mail van Fons. bekeken, gelezen, beluisterd. en beZINd.
moeder aarde heeft haar schoonheid, die de glans van de waarheid (splendor veritatis) is en doet denken aan wat de Schrift het paradijs noemt, de ons gegeven “tuin om te bewerken en te bewaken”. vandaat de uitdrukking: paradijselijke plekjes. plekjes die eraan herinneren dat de mens OORSPRONG lijk in een voor oosterse mensen oosters paradijs was geplaatst. even over die woorden nadenken, meer nog: dichterlijk, ja mystiek schouwen, openbaart een werkelijkheid die groter is dan wat wij, hiér en nù, met beide voeten op den vasten grond, nuchter, rationeel, zonder ons in vage dromen te verliezen, de via de media (met wegmoffelen van al het schone) stevig geaccentueerde en kwistig uitgestrooide rauwe realiteit noemen. het verhaal van de schepping van het paradijs is inderdaad een dichterlijke voorstelling, maar precies daarom de waarheid van een reële realiteit. want het is precies aan de dichterlijken gegeven de waarachtigheid, GOD en mens waardigheid en waarde van moeder aarde te schouwen en te ver beelden. en het is een teken van dom-, bekrompen-, doof-, blind- en lamheid daarover laatdunkend te bazelen en te doen. wij hebben inderdaad via de dichterlijke personages van adam en eva maar niettemin het paradijs verloren, blijven dit verlies hardnekkig en egoïstisch doordrijven, maar, en tóch, en zie: het IS er, zij het in het verborgene en wonder genoeg via de door de mensen gevonden en uitegwerkte technische snufjes steeds meer onverborgen, zoals die e-mail dat toont. die foto’s doen niet griezelen, maar het hart branden. de ongekende, maar ons nu te horen, zien en tasten gegeven schoonheid verheft het hart, doet het verstand duizelen, de verbeelding jubelen en…met den psalmist meepsalmodiëren: “Hemel en aarde verkondigen Gods glorie.”.
er zijn meer paradijselijke plekjes op aarde, waarvan de natuur lijke een beeld zijn, waarnaar de natuur lijke verwijzen en waarvan zij de schoonheid laten vermoeden. ik denk, bij voorbeeld, aan de benediktijnerabdij van affligem, waar ik van 8 tot 16 jaar misdienaar was en waarmee ik, gezien dien leeftijd, meer uiterlijk vertrouwd was dan innerlijk. maar wat ik er beleefde, lichtte later in zijn rijkdom op. denk aan al die andere abdijen die ik later zag en aan die waar ik nù elken zondag de -paradijselijke- eucharistieviering mee mag beleven. ik denk aan het door mijn vrouw (omake) bereide woensdagse middagmaal waarvan ik (peter), omake, Mieke en haar vier kinderen reëel gezamenlijk “paradijselijk” mogen genieten. ik denk aan -de veeleer zeldzame- gesprekken met mensen die, meer dan “kennissen”, zielsverwanten zijn. enz. enz. de als het ware lijfelijke ervaring van het paradijselijke (dit is ongeschondene, onbestoven, vóórzondelijke) ervan overschrijdt hier het uiterlijke en raakt de “ziel” op de wijze van de lijfelijke ervaring van een VOL gewassen mens: dat het het hart doet branden, het verstand met “goeden” geest verrijkt en de verbeelding de poëtische tekens die het afgeeft laat zien. het ons, mensen die op aarde zijn, hiér en nù op aarde “aards” te horen, zien en tasten, bewogen, met het verhoogd verstand erkennend en in tekens herkennend gegeven “paradijslijke” herinnert ons eraan niet alleen dat wij, inderdaad en op vele wijzen (zie de natuurrampen, maar vooral de door ons zelf gezochte verloedering van de natuur), het paradijs verloren hebben, maar óók, en bóven dien, dàt het uiteindelijk niét voorgoed verdwenen is en wij het kunnen terugwinnen…if we care and are lucky. als wij de “beest”-achtige ongehoorzaamheid van adam en eva in ons uit drijven en meteen in de stilte in stilte stil “engel”-achtige gehoorzaamheid invoeren en bevorderen. de paradijselijke plekjes ademen stilte uit, “tonen” een schitterende tegenstelling ten opzichte van het “werelds” lawaai en worden uit der aard door “vrienden van de stilte” in alle innerlijke stilte, wars van schreeuwerig “publiceren” opgezocht. in feite is de diepste betekenis van de slogan (oudengels/gaelisch: oorlogskreet) “Terug naar de natuur!”, on-, onder- of bewust “Terug naar het paradijs!” en be tekent dit: dat de mensen die bij deze slogan zweren, in feite, zij het on-, of onder-, of bewust, terug willen naar het paradijs, den “tuin” met al wat er aan is en al wie er in is.
het heerlijkste en boven de “aardse” paradijselijke plekjes uitstijgend paradijselijk plekje is “wat er in het eerste en tweede BOEK geschreven staat”: het Woord Dat GOD, Die in den hemel is, beminnelijk menslievend richt tot de mensen, die op aarde zijn en Dat uit der aard de aarde, al wat en wie er op is incluis, van gedaante veràndert, dit is doet ”schitteren als de zon en wit zijn als sneeuw”. naar GODS Woord luisteren, erin geloven én het volgen resulteert in het terugvinden van het paradijs, en meteen in onbevangen, onbeschroomd, onbestoven respecteren, waarderen en genieten van al de reëel paradijselijke plekjes op aarde. GOD roept de in de gestalte van adam en eva door den engel uit het paradijs verdreven mensen terug en “toont” dat doordat Hij de mensen de bekwaamheid gegeven heeft de meest “afgelegen” en uit der aard verborgen paradijselijke plekjes te vinden door ze door hen te laten terugvinden. zó dat zij niet alleen zouden zien dàt en hoé hemel en aarde Zijn glorie verkondigen, maar, erdoor onderste boven gegooid, dit ook zélf, en bewust, zouden doen.
met dank aan fons inbegrepen.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
