|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Het oude woord godsdienst, eventueel religie, schijnt mét het even oude beleven dat het duidt, onder druk te staan. beide stoten blijkbaar velen, intellectueel eerlijken in ’t bijzonder, voor de borst omdat zij het verstand op den rooster leggen en met een werkelijkheid confronteren die voor het verlicht verstand duister is en door dit verstand als fictie, zo niet onzin, bestempeld wordt. als voorbeeld de recente feite lijke en door iedere kijker te horen uitspraak van een minister tijdens een gesprek voor de teevee: “God bestaat niet.”. uitspraak waaruit logisch afgeleid kan worden: verbondenheid met God is fictie; godsdienst is onzin
het is zó dat de werkelijkheid waarom het hier gaat in feite voor de mensen, die op aarde zijn, een mysterie is, een geheim. het geheim van de onloochenbare verbondenheid van “de aarde” met “den HEMEL”, en wel zó dat de glans van “den HEMEL” over al wat van “de aarde” is, ligt, het ophemelt, het bóven den platten grond tilt. uit dér aard overschrijdt dit geheim den actieradius (vlieg wijdte) van hun vermogens, lig het verder. precies het mysterie daagt hen uit, doet hen op zoek gaan en is doorheen de tijden tot vandaag toe nogal eens aanleiding geweest voor vele valse voorstellingen als gevolg van wisselvallige gevoeligheden, misleide ideeën en grenzeloze fantasietjes. on waarheid. met alle nare gevolgen van dien.
uit der aard is het voor een met hart, verstand en verbeelding begaafde mens onvoorwaardelijk noodzakelijk zijn gevoeligheden in toom te houden, zijn ideeën aan de feiten te toetsen en zijn verbeelding te onderwerpen aan de tekens die de ons omringende dingen dichterlijk afgeven. want het mysterie, het geheim, is er voor de mensen, werkt, zij het in het verborgene, met hen mee om als mens VOL te wassen en zijn leven uiteindelijk te VOLtooien, zijn taak te VOLbrengen (“Het is volbracht.”).
de VOLLE werkelijkheid is: er is “de HEMEL” (GOD de VADER SCHEPPER, GOD de ZOON VERLOSSER en GOD de Heilige GEEST VOLTOOIER van de Schepping) en er is “de aarde” (de schepping, de aarde met al wat en wie er op is, inkluis). “de aarde” is een Schepping van GOD, Die, uit dér aard “Heer is en het leven geeft”. bovendien “gesproken heeft door de profeten en als VOLtooiing ervan door het WOORD”. er is een geheime lijke relatie tussen GOD en Zijn Schepping, in het bijzonder tussen GOD en de mensen. die relatie is het GEHEIM van GOD, wezen lijk mysterie, en voor de mensen wezen lijk een geloofsgeheim, dat alleen te HOREN, ZIEN en TASTEN is op de hoogte van 10 meter bóven den platten grond én uit en in her innering door den Heiligen GEEST van “al wat Ik u -booms en bijbels- heb gezegd”. dàt is de grote confrontatie. de mensen op aarde worden liefderijk, beminnelijk menslievend tot geloven uitgenodigd én blijven vrij ja dan neen op die uitnodiging integaan. dit is: te geloven of niet. gelovigen beantwoorden positief aan wat in de Schrift “de wil van God” genoemd wordt en bevestigen zó doende het bestaan van GOD, Die in den hemel is; ongelovigen beantwoorden dien wil negatief, negeren hem en bevestigen, vreemd genoeg, zó doende op negatieve wijze, dit is precies door hun vrije keuze, die GODS grote gave van vrijheid bevestigt, GODS bestaan.
godsdienst/religie zijn woorden, zijn de naam door mensen aan in GOD geloven gegeven. ook hiér geldt shakespeares woord: “What’s in a name?!”. de werkelijkheid van in GOD geloven is rijker, groter, meer dan het woord waarmee wij ze noemen. uit der aard mag dat woord, die naam, niet als een betekenis beperkend beperkt “begrip”, “term”, “formule”, “code” verstaan en gebruikt worden. dat woord, die naam, heeft zijn geheim: is een van vele, on beperkte betekenissen schitterende dauwdropdiamant, die alleen schittert in het Licht, en in de duisternis door de duisternis tot (wetenschappelijk verklaarbare) dauwdruppel beperkt wordt. dit is: in de duisternis tot water (H2O) beperkt is, zijn schittering verliest en “letter” lijk over godsdiensten (vele vormen van GOD dienen en de daaraan beantwoordende verering, aanroeping, formulering/“leer” en ver beelding) spreken mogelijk maakte en maakt. maar; en tóch, en zie: het woord godsdienst/religie leeft door den geest die het uitstraalt: in GOD gelovend GOD dienen (aan Zijn wil gehoorzamen: er naar luisteren en doen). dit is: vrij, en vrolijk, en te vreden, de door GOD bedachte en uitgevoerde confrontatie met GOD aanvaarden en er op ingaan.
GOD confronteert de mensen met Zijn bestaan; de mensen worden ieder in ’t bijzonder en alle samen met GODS bestaan geconfronteerd met de bedoeling dat zij zouden kiezen voor in Hem (de Waarheid, het Leven en de Weg van hun leven) geloven en hun bestaan op aarde vanuit dit geloven zouden zien en beleven. kiezen voor niét in Hem geloven betekent de confrontatie on-, onder- of bewust uit den weg gaan, Zijn bedoeling met het bestaan negeren, weigeren Hem te dienen en “eigen wegen gaan”.
die geloven willen dit met GOD geconfronteerd zijn een menslijken, dit is hoor-, zicht- en tastbaren, voel-, verstaan- en verbeeldbaren vorm geven, dien zij godsdienst noemen. zij zingen, bidden, buigen zich neer/knielen ritueel, denken over, maken beelden, ver beelden de tekens die hun booms en bijbels te horen, zien, tasten en interpreteren gegeven worden. de KERN ervan is en blijft de confrontatie en hun gehoorzaam ingaan erop. wat betekent: dat GOD tekens van Zijn bestaan afgeeft, Zich naar de wijze op de wijze van de mensen “openbaart” (“spreekt”) en dat deze vorm (godsdienst) uit dér aard niet in het ijle zweeft, maar op -zij het min of meer adekwate- interpretatie van feiten gegrond is. bovendien toont de geschiedenis dat deze interpretatie door de mensen in de mensen geleid lijk geleidelijk “evolueerde”. dit is: doordat GOD, Die in den hemel is, de mensen, die op aarde zijn, begaaft met tot luisteren verhoogd horen, tot naderen en scherper toekijken verhoogd zien, tot de vingers steken in verhoogd tasten, tot met het hart er bij zijnd verhoogd voelen, tot door den Heiligen GEEST verlichte intelligentie verhoogd verstand, tot het zien van de tekens in de dingen verhoogde verbeelding geheime lijk wonder lijk gezuiverd werd en wordt, opklaarde, opklaart en blijft opklaren. geheime lijk wonder lijk, want door het verlossen van GOD den ZOON VERLOSSER op Uw woord en het her inneren van GOD den Heiligen GEEST VOLTOOIER in het verborgene “bewerkt”. de VADER SCHEPPER begeleidt de mensen tijdens hun avontuur op aarde doordat Hij den ZOON zendt om Zijn Schepping te verlossen (van den kwaden en het kwade te bevrijden) en meteen den Heiligen GEEST om te VOLtooien (“leren en in herinnering brengen al wat Ik u heb gezegd”). het geheim van die geloven en dat in een godsdienst een vorm hebben gegeven, is precies dat zij -bij Gods genade- in die “evolutie” zijn opgenomen en uit dér aard bevrijd vrij, opgevrolijkt vrolijk en bevredigd te vreden positief creatief op de confrontatie ingaan.
de geschiedenis der mensen is doorheen de tijden verrijkt met het mysterie van de incarnatie van GOD den ZOON en het VOLtooiend “werken” van Zijn GEEST na Zijn verrijzenis en hemelvaart. mysterie dat de confrontatie haar VOLLEN vorm geeft en VOLUIT articuleert als wat de gemeenschap van “de leerlingen”, “de ooggetuigen van het Woord”, als fundament van de (katholieke apostolische) christelijke godsdienst hebben opgetekend en ter ont hulling en ont vouwing overgeleverd. de confrontatie met GOD den VADER heeft voortaan den VOLLEN vorm aangenomen van confrontatie met het mysterie (geloofsgeheim) van jezus CHRISTUS, GODS geïncarneerd WOORD zó als “de leerlingen” HET in het tweede BOEK hebben opgetekend en HET door de Kerk (“het huis van de Heer”) doorheen de tijden op de wijze van ont hulling en ont vouwing in de christelijke (apostolische katholieke) godsdienst beleden wordt. de KERN van dien godsdienst is en blijft de confrontatie met jezus CHRISTUS. de apostolisch katholiek gelovende gaat onbevangen en ongeremd op die confrontatie in op de wijze van, uit en in “her innering door den Heiligen GEEST van al wat Ik u heb gezegd”, “naar Hem luisteren”, “in Mij geloven” en “Mij volgen”. in feite: naar “zó iets” blijven luisteren, erin blijven geloven en het blijven volgen; bij Hém blijven.
wat inhoudt: hoe helderder een mens met de jaren hoort, scherper leert kijken en fijner tasten, fijngevoeliger voelt, grondiger denkt over en dichterlijk door de tekens geraakt wordt, hoe onverbiddelijker hij met het in geloofsgeheimen gehulde mysterie geconfronteerd, ja uitgedaagd wordt. er is (zoals uit het verhaal van jezus blijkt en ons te “lezen” gegeven wordt) onvermijdelijk de “bekoring” van den twijfel, van “Wie kan nog langer naar -het hiér en nù door de Kerk gearticuleerde en beleefde- zó iets luisteren?!”, van wantrouwen tegenover, ongeloof in en af keer (verlaten) van de Kerk en… meteen van Hém; of weigeren in Haar opgenomen te worden; zich eventueel tot een anderen godsdienst (andere kerk) te wenden. de confrontatie met jezus CHRISTUS, God den ZOON, is een harde wet, maar een wet. jezus is Zijn confronterend optreden niet uit den weg gegaan, heeft, al leidde Zijn onwrikbaar spreken (“ Men heeft u gezegd…, maar Ik zeg u…) en alle menselijk opzicht tartend optreden naar en tot het kruis (waar Hij zelfs dààr door het “Kom af van het kruis, dan…” uitgedaagd werd), geen psychologisch, diplomatiek, democratisch spelletje gespeeld. Hij heeft noch de Waarheid, noch het Leven, noch den Weg voor gevoeligheden, ideologieën of fantasieën van menselijk maaksel prijsgegeven en werd zó doende het hoogste en diepste, langste en breedste voorbeeld (“Ik heb u een voorbeeld gegeven opdat ook gij zó zoudt doen.”) voor “de leerlingen” en via hen voor alle tijden voor de leerlingen van “de leerlingen”. Zijn ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk is wezen lijk naar ónze wijze op ónze wijze confrontatie in de lijn op de lijn van Zijn confrontatie; een in GOD VOLOP en VOLUIT dienen zó als Hij “Mijn en uw Vader Die in de hemel is” VOLOP en VOLUIT diende, geGRONDE godsdienst. wezen lijk confrontatie op de wijze van “Luister naar Hem.”, “Geloof in Mij.” en “Volg Mij.”, waarop de vrije mens if he cares and is lucky vrij aanvaardend en beamend kan ingaan, óf die hij weerbarstig en hardnekkig kan negeren om eigen wegen te gaan.
het wezen van den door de Kerk doorheen de eeuwen beleden apostolisch katholieken godsdienst is confrontatie. wat de Kerk “leert”, ritueel aanschouwelijk be tekent en be leeft, als grond van de ethiek aanbeveelt, is wezen lijk confrontatie, helder stellen van het VISIOEN van de onverdeelde onverdeelbare één heid van “HEMEL” en “aarde”, waarop de vrije mens kan ingaan of niet. in feite Dat hem uitdaagt Het te “bewaren” en zó doende het leven, of Het te verliezen en zó doende den dood te kiezen.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
