|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
Het woord zelf zegt dat het gaat om wat er in/met de dingen zelf gebeurt en dat zij aan de mensen te schouwen geven: ont wikkelen, ont vouwen, open gaan, VOL wassen, van windels bevrijd los, als vlinder uit het cocon te voorschijn komen. uit en in een ingeschapen dynamiek (levenslust) natuur lijk, als vanzelf, van binnen uit. op de wijze van: kiemen, eerst groene halm, daarna aar, en daarna aar vol rijp graan (voor den oogst) worden. dàt is het geheim van de ons te horen, zien en tasten, bewogen ervaren, overdenken en ver beelden gegeven evolutie. geen voer voor herrieschoppers, maar “vreemd verschijnsel” voor die diep in de woestijn hun kudde hoeden.
de schepping (de aarde met al dat leeft, de mensen in ’t bijzonder erop, inkluis) is uit haar aard van Schepping zijn wezenlijk dynamisch, explosie/uitbarsting van het begin (de kiem) in de richting van het uiteinde, de VOLtooiing. het geheim van de kiem is de KIEM: een innerlijke Kracht Die de materie bezielt en meteen bóven de “stof”, den platten grond, op de hoogte van GODS GEHEIM, het mysterie niet alleen van Zijn bestaan, maar ook van het bestaan van al wat bestaat, tilt. uit dér aard is evolutie een voor de mensen op aarde “vreemd schouwspel”, een “brandend en tóch niet opbrandend braambos”. en die dit schouw spel van in de verte, op een afstand, zien, er door geboeid worden en het naderen om het scherper te bekijken, horen de STEM die eruit opklinkt: “De plek waarop gij staat is heilige grond.”. de schepping is heilig, en meteen dat levenslustig levendig levend proces dat haar kenmerkt. dit is: de schepping is méér, meer dan alleen “stof”. zij is wezen lijk be”geest”, dit is: met GODS GEEST verrijkt, vergroot, verméérd. evolutie is, én in het kleine én in het grote, teken van niet alleen het leven schenkende, maar het ook blijvend in leven houdend en het VOLtooiende Schepping. “Het werk van Zijn handen”, een met warme handen uit klei geboetseerd en met Zijn Adem beademd kunstwerk.
evolutie is een teken van leven, van bewegen naar, gerichtheid op. zij is niet beperkt tot de “stof”. zij betreft ook den in de materie verborgen geborgen “geest”. bijbels uitgedrukt is zij de wijze van opweg zijn naar “verlossing”, VOLtooiing. zij heeft plaats met Uitzicht op. en dàt is het geheim van den levenslust, van de innerlijke gedrevenheid om de cocon te breken en als vlinder in de open lucht op wandel te gaan, ook al is dit wandelen in den tijd beperkt en loopt het uit op, zó als die schoenlapper onder de haag, met open vleugels te “verstijven”.
er is geen enkele zinvolle reden om over evolutie herrie te schoppen. zij IS er, en wel zó als zij IS. het geheim van het Boek Genesis is de dichterlijke, en uit der aard een rationalistische visie ver overtreffende, wijze waarop de auteur(s) dààr al en toén de genese van “hemelenaarde”, van al dat leeft, uit de doeken doen. de lijn “toont” een én in den tijd (zeven dagen) én in aard (van “beest” naar “mens”) stijgende, zich ont wikkelende, ont vouwende, bevrijdende beweging naar uiteindelijke rust toe, naar VOLtooing. al dat leeft evolueert in se. maar Genesis ver beeldt eveneens een evolutie binnen de levende wezens van klein naar groot, van louter “stof” lijken naar den “begeesten” mens, het hoogtepunt ter wille van het op ONS gelijkend. geloofsgeheim, in het geloofsboek Genesis dichterlijk geopenbaard en geldend voor gelovigen én wetenschappers.
de mens wil weten: zien, oordelen en doen. de “geheimen” van al wat hem vóór de voeten aan de voeten gelegd en aan de handen is toevertrouwd, intrigeren hem, lokken, dagen hem uit, ja storen zijn nachtrust. hij legt zich toe op (studere), onderzoekt (research), beproeft (experiment), verdeelt (analyse) om te heersen (synthese), tot zich meester maken van, “veroveren” toe. die de evolutie wetenschappelijk benaderen, richten hun aandacht in den tijd op de “stof” (het hoor, zicht- en tastbare, “wat zichtbaar is”). de waarheden die zij ont dekken en bewijzen verrijken de kennis, bevruchten het oordelen en handelen der mensen en zijn meteen bedoeld om hen voor “dwalingen”, inbeeldingen, ficties, “spoken”, te behoeden. wat een constructieve bijdrage tot vooruitgang (evolutie) is.
maar: het geheim van die, blijkbaar met, zij het enig, succes te ontmaskeren ,“geheimen” van de natuur is het geheim dat in wezen een geloofsgeheim is en uit der aard een heel andere benadering van de dingen vraagt. Genesis is geen wetenschappelijk werk, en het als dusdanig willen lezen, is een vergissing en kan alleen maar “herrie” veroorzaken. Genesis is een dichterlijke voorstelling van een werkelijkheid die rijker, groten, méér is, meer dan “wat zichtbaar is”. de werkelijkheid van “wat onzichtbaar is”, in casu van den ADEM Die door de schepping waait en haar als het werk van GODS handen doet leven, straalt uit dér aard GODS GEEST uit, verméért de “stof” met tekens en doet haar die tekens afgeven. met als gevolg van dien: hoe helderder de mens de materie leert kennen, hoe helderder precies die tekens die naar geloofsgeheimen verwijzen, te voorschijn komen. er is geen verdelende spanning tussen wat de wetenschap ontdekt en dit afgeven van tekens, actueel gezegd: tussen de door de wetenschap ont dekte waarheden en de waarheden van de geloofsgeheimen. integendeel: indien juist begrepen bevorderen beide beide. dit is: worden “aarde” en “HEMEL” samengeworpen tot het VISIOEN van hun OORSPRONG lijke onverdeelde en onverdeelbare éénheid.
bewust op grond van wetenschappelijke bevindingen de geloofsgeheimen als door naieve, bijgelovige mensen uitgevonden en verkondigde maar door de wetenschap gemakkelijk te doorprikken fictie (fantasietjes, fabeltjes) verslijten, betekent de “geheimen” van de natuur van hun geheim beroven, de dingen ont “geesten”, de tekens die zij afgeven verduisteren en het leven van al dat leeft naar den platten grond neerhalen, ver nederen. is een teken van “bozen” geest, die van “den bozen geest” (diabolus) is en niet alleen de dingen uiteenwerpt, maar meteen door de herrie die hij onder de mensen schopt, de mensen. een teken van een tot louter rationalisme beperkte rede, die voor het dichterlijke der dingen doof, blind, verlamd is en uit der aard onbekwaam de tekens die zij afgeven te zien, laat staan te ver beelden.
Genesis is geen fabeltje, maar een schitterende ver beelding van de onverdeelde waarheid van de schepping als Schepping. en meteen “onderricht” om bij het beoefenen van de wetenschap het luisteren naar, scherp bekijken en met fijne vingertoppen tasten van de tekens die de bestudeerde dingen afgeven niet te “vergeten”, laat staan hautain als belemmering van het wetenschappelijk werk te verwerpen. het in Genesis opgeroepen geloofsgeheim vreemd welwillend ertegenover en teder toegankelijk ervoor “lezen” tilt den studerenden, zoekenden, eerlijk experimenterenden mens van den platten grond op de hoogte van 10 meter er bóven en stelt hem in staat de VOLLE werkelijkheid van de heerlijke onverdeelde éénheid van “aarde” en “HEMEL” te schouwen. zó dat een groeiend (evoluerend) inzicht in geheime lijk wonder lijk met het bevrijdend, opvrolijkend, bevredigend en vertroostend Uitzicht op UITEINDE lijke VOLTOOIING verrijkt, vergroot, verméérd wordt. wetenschap uit verwondering resulteert geheime lijk wonder lijk in bewondering, die “goede grond” voor geloven is, geloven helpt kiemen en VOL wassen. dit is: zich ont wikkelen, ont vouwen, van de windsels bevrijden, het cocon breken en als vlinder vrij, vrolijk en te vreden levenslustig levendig levend in den tuin wandelen.
en dan verder? vooral: HoE zet de evolutie in den mens zelf zich door? Is de mens de laatste schakel in de evolutie? de fantasie heeft zich, gevoed door de wetenschappelijke en technische prestaties van den mens, op die vragen geworpen en blijkt in haar productie onuitputtelijk. het is de “droom” van een verwend en zichzelf verwennend kind. een dagdroom, die de lege momenten moet vullen en waarvoor de mensen zelfs over de fantasie op stang jagende technische snufjes beschikken. een hen overal vergezellend computerspel ter compensatie van het ongenoegen met genoeg en tegen de verveling van de onvoldaanheid van het nù. wijsheid is: geloof niet alleen in de “letter”, maar ook, en bóven dien, in den “geest” van de evolutie zelf, die wezen lijk de “goede” geest van GODS Heiligen GEEST is. die “goede” geest is de goede grond voor geloven in den ZIN van de evolutie. concreet in het voor ons mensen van hiér en nù VOLuit VOLdoende van voor ons genoeg is genoeg, dat behoedt tegen het verdwalen van het nù in een niet bestaande wereld. wij hebben niets aan door science fiction geconstrueerde marsmannetjes en den daver op het lijf jagende star wars. tenzij het verlies van de concrete werkelijkheid, het “daar God u eens te willen koos”, dat de natuur lijke plaats van ons bestaan op aarde is en ons verrijkt met het Uitzicht Dat de VOLTOOING in den hemel van onze VOLtooiing (evolutie) op aarde is. geloofsgeheim, dat den onzin van bovengenoemde dagdromen beLicht en de Kracht geeft om ze als onwerkelijkheid te omzeilen.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
