|
Aantekeningen van Ernest Bornauw
|
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
heerlijke geloofsgeheimen, rede lijk niet te weerleggen en tegen alle weerbarstigheid van de rede bestand zijnde dogma’s. wat niet wegneemt, ja wat inhoudt, dat een met verstand begaafde mens uit en in deze begaafdheid tóch erover nadenkend op zoek gaat naar een redelijke verklaring ervoor. geloofsgeheimen intellectueel eerlijk bevragen is een opdracht van den mens, zal deze geheimen nooit beschadigen, maar uit en in die bewondering waardige uitwisseling tussen weet gierig nadenken over en kinderlijk/dichterlijk geloven in veeleer bijdragen aan het funderen en versterken van dat geloven zelf.
geloofsgeheimen geven aan de mensen, die op aarde zijn, verhelderende tekens af niet alleen van het wezen van GOD, Die in den hemel is, maar ook van hun eigen wezen op aarde. tekens, die naar hun wijze op hun wijze, dit is dichterlijk/mystiek, de VOLLE werkelijkeheid belichten en te voorschijn laten komen, voor de mensen hoor-, zicht- en tastbaar, voel-, overdenk- en ver beeldbaar maken. en uit dér aard verVOLLEN de geloofsgeheimen uit en in Zijn VOLHEID het geestelijk leven der mensen, verhogen zij hen met een met Uitzicht-op verrijkt Inzicht-in het leven van al dat leeft, het eigen leven inbegrepen. jezus’ hemelvaart en maria’s ten hemel opneming staan in het teken van “stof” en “geest” en horen thuis in het VISIOEN van de onverdeelde éénheid van “HEMEL” en “aarde”. zij beLichten én de dingen die van bóven zijn (de “HEMELSE”, de dingen van GOD) én die van beneden zijn (de “aardse”, ónze dingen).
onze dagdagelijkse ervaring en haar invloed op ons denken erover leren ons dat mensen, àlle mensen, sterven; dat hun gestorven lichaam (“stoffelijk overschot”) begraven/eventueel verast wordt; als “stof van de aarde genomen” weer “stof van de aarde” wordt. dit proces is universeel, de mensen ingeschapen. hun lichaam is sterfelijk, vergankelijk. wat inhoudt dat jezus’ hemelvaart en maria’s ten hemel opneming, althans op het eerste gezicht, als het ware tegen onze ervaring indruisen en ons verstand te denken geven, zo niet dat naar den hemel varen doen verwerpen. tenzij, op het tweede gezicht dan, het erin verborgen teken gezien wordt en beaamd. het teken van de onsterfelijkheid van het sterfelijke, het onvergankelijke van het vergankelijke. jezus had als ZOON van den VADER, aan Hem gelijk, dat teken in zich. Zijn verrijzenis was het teken van de overwinning van de “stof” door den “geest”; Zijn hemelvaart bevestigde dat Hij niet aan de “stof” onderworpen was. maria was, zó als jezus, “zonder zonde”, dit is: niet aan de “stof” onderworpen. de VADER bevestigde dit doordat Hij haar lichaam na haar dood “ten hemel opnam”, dit is: zó als Hij haar ziel van zonde vrijwaarde, haar lichaam niet aan verderf onderwierp. zó lief heeft Hij haar (de “aardse” moeder van Zijn mensgeworden ZOON) gehad al op aarde, en zó lief heeft Hij haar (de koningin der engelen) in den hemel.
dàt teken was al verborgen aanwezig in de menswording van jezus (“ontvangen van de Heilige Geest”) en de “onbevlekte” ontvangenis van maria. zij zijn al vóór de “stof” groter dan “de stof”: te zelfder tijd als alle mensen aan “de stof” onderworpen (hun lijden en dood) en tóch geheime lijk wonder lijk bóven “de stof” verheven. en precies dàt is het in hun hemelvaart en ten hemel opneming verborgen geborgen teken: de verrijzenis. dit is: hoe nauwelijks/à peu prés/hardly te geloven ook, de “tijd lijk” hoor-, zicht- en tastbare “stof” wordt door den “geest”, GODS Heiligen GEEST, overwonnen. dit teken is ons ter “onderrichting” gegeven, “leert” ons dat de “geest” (de ziel) in ons groter, sterker is dan de “stof” in ons, on sterfelijk, niet aan verderf onderworpen. leert ons te geloven in onze, mens lijk geziene niet te geloven, verrijzenis, uiteindelijke als vrucht van jezus’ hemelvaart ten hemel opneming. waarvan maria’s ten hemel opneming het alle rede lijke problemen oplossend prototype is. argeloos en onbevangen erin geloven beLicht dàt en hoé het “te veel denken/het klein geloof” de (onsterfelijke) ziel van de mensen beschadigt. jezus en maria zijn niet “tot stof teruggekeerd” en dàt leert ons dat ook wij, uiteindelijk en tegen den schijn in, niet “tot stof terugkeren” maar “geest” lijk eeuwig leven, uit en in jezus’ hemelvaart ten hemel worden opgenomen. de VADER heeft jezus en maria bóven alle mensen verheven, hun lichaam voor verderf behoed, en dààr in voor óns het teken gelegd dat ook wij, zij het naar ónze wijze op ónze wijze, niet aan verderf onderworpen zijn en na onzen dood in feite niét tot “stof” zullen wederkeren, maar ten hemel worden opgenomen. zó be tekent de op den uitkijk staande VADER, Die in den hemel is, dat Hij Zijn “verloren zonen” niet aan het bederf blootstelt, maar hiér en nù al onverpoosd onverdroten naar hun “terugkeer” verlangt en ernaar op den uitkijk staat.
| << vorige << | inhoudstafel | >> volgende >> |
| begin | boeken | levensverloop | nota bene | contacteren |
